ECLI:NL:GHAMS:2011:BU9331
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.B.C.M. van der Reep
- C.A. Joustra
- G.C.C. Lewin
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake schadeloosstelling bouwverbod Groenenbergterrein Schiphol
In deze zaak staat de schadeloosstelling aan Chipshol centraal voor waardevermindering van het Groenenbergterrein door een bouwverbod van de staatssecretaris op grond van de Luchtvaartwet. Na vernietiging van eerdere vonnissen door de Hoge Raad is het geding verwezen naar het hof voor verdere behandeling.
Het hof onderzoekt of de vergoedingsplicht van de Luchthaven Schiphol verminderd moet worden wegens eigen schuld van Chipshol, met name vanwege het niet indienen van een nieuwe bouwaanvraag zoals voorgesteld door de minister. Het hof oordeelt dat Chipshol de redelijkheid niet heeft overschreden en geen schadebeperkingsplicht heeft geschonden.
Daarnaast beoordeelt het hof de toelaatbaarheid van een eisvermeerdering door Chipshol en stelt vast dat alleen nieuwe feiten die na het eerdere vonnis zijn ontstaan in aanmerking kunnen worden genomen. Het hof wijst het verzet tegen de eisvermeerdering toe voor zover deze niet op nieuwe feiten is gebaseerd.
Verder wordt de vraag of de schade deels is vergoed door eerdere schikkingen met de provincie en gemeente onderzocht, waarbij getuigenverhoren worden gepland na vaststelling van de schadeomvang. Het hof houdt de procedure aan in afwachting van uitspraken in een gerelateerde procedure op grond van artikel 55 Luchtvaartwet Pro.
Het arrest bevestigt de grenzen van de rechtsstrijd na cassatie en benadrukt de noodzaak van een eerlijk proces, waarbij het hof geen aanwijzingen vindt voor partijdigheid van deskundigen of rechters die eerdere beslissingen zouden beïnvloeden.
Uitkomst: Het hof wijst de eisvermeerdering af voor zover deze niet op nieuwe feiten is gebaseerd en houdt de procedure aan voor verdere behandeling na uitspraken in een gerelateerde procedure.