Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Tussen partijen vaststaande feiten
3.Geschil in hoger beroep
4.Het oordeel van de rechtbank
5.Beoordeling van het geschil
- de periode van 2 juni 2010 - 17 december 2010. Volgens de gemachtigde heeft hij bij brief van 2 juni 2010 de inspecteur alle gegevens verstrekt op basis waarvan de inspecteur de Navorderingsaanslagen kon vaststellen en heeft vastgesteld, en heeft de inspecteur eerst “(n)a een radiostilte van meer dan zes maanden” op 17 december 2010 weer contact met hem opgenomen, alsmede
- de periode van 17 december 2010 - 29 juni 2011. Volgens de gemachtigde heeft de rechtbank in rechtsoverweging 4.7 terecht beslist dat deze periode “niet aanvaardbaar (is) als noodzakelijkerwijs gemoeid met het voorbereiden en met redelijke zorgvuldigheid vaststellen van de navorderingsaanslagen”.