Uitspraak
bij de kantonrechter: verweerster
het Waterschap
[verweerder]
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- het beroepschrift van 6 januari 2026;
- het verweerschrift van 17 april 2026;
- de op 1 mei 2026 door het Waterschap ingediende productie 28;
- de op 7 mei 2026 door [verweerder] nog ingediende productie 6;
- het verslag (proces-verbaal) van de mondelinge behandeling die op 8 mei 2026 is gehouden.
2.De kern van de zaak
3.De feiten
AllSolutions.
AllSolutions-registraties van [verweerder] en verwerkt in een deels in zijn vrije tijd gemaakt Excel schema. Deze gegevens zijn op 17 maart 2025 aan [verweerder] gepresenteerd waarbij een vervolggesprek is aangekondigd waarbij [verweerder] werd aangeraden juridische bijstand in de arm te nemen. Op 26 maart 2025 heeft een vervolggesprek plaatsgevonden met de advocaat van [verweerder] erbij, waarbij het Waterschap vragen heeft gesteld. Op die dag is per e-mail aan de advocaat van [verweerder] bericht dat [verweerder] “tot en met volgende week woensdag is vrijgesteld van werk” (dat is tot en met 2 april 2025). Deze non-actiefstelling is vervolgens tweemaal verlengd tot en met 18 april 2025. Ook zijn er op 2 april 2025 schriftelijk aanvullende vragen aan (de advocaat van) [verweerder] gesteld.
4.De beslissing van de kantonrechter
5.De beoordeling door het hof
AllSolutionsheeft verantwoord. De kantonrechter heeft geoordeeld dat het Waterschap zelf heeft gesteld dat het Waterschap ten tijde van het ‘Goede Gesprek’ van 15 november 2024 beschikte over signalen dat [verweerder] zijn uren niet maakte en dat het Waterschap niet helder heeft uitgelegd waarom zij daar pas begin maart 2025 onderzoek naar heeft ingesteld. Het Waterschap heeft zich wel beroepen op nieuwe signalen ontvangen kort voor 3 februari 2025, maar heeft dat niet concreet gemaakt.
- het kunnen voldoen aan fiscale wet- en regelgeving inzake een sluitende rittenregistratie (kort gezegd: onderscheid werk- dan wel privégebruik);
- het optimaliseren van de bedrijfsvoering van het Waterschap door de analyse van vervoersbewegingen;
- het onderzoeken van rechtmatig gebruik van het rijdend en varend materieel in relatie met het functioneren van medewerkers, indien sprake is van gerede twijfel;
- het kunnen traceren van materieel zoals bij diefstal en eventuele vermissing van medewerkers.
AllSolutionsvan 94 uur en 11 minuten.
AllSolutionsverantwoorde uren en de uren die het Waterschap heeft herleid uit de black box van de dienstauto in dit geval geen voldoende dringende reden oplevert. [verweerder] heeft gesteld dat hij thuis administratie verrichtte, werkte aan opdrachten die hij van de vertrouwenspersoon had gekregen en studeerde voor een VCA-examen (veiligheid, gezondheid en milieu) dat hij inmiddels heeft behaald. Verder heeft hij aangevoerd dat hij vanwege de doorgemaakte darmkanker problemen heeft met zijn stoelgang en vaker naar het toilet moet. Ter zitting bij het hof is ook aan de orde geweest dat hij, als hij zijn medicatie voor de ADHD niet slikte, hij soms vergat om de auto uit te schakelen. Ook heeft hij aangevoerd dat hij geen feeling had voor administratie en computers en dat het invullen van de administratie hem buitengewoon veel tijd kostte.