ECLI:NL:GHARN:2011:BP5024
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep belastingrecht inzake fiscale aftrek filmcommanditaire vennootschappen
In deze zaak staat centraal of de Inspecteur terecht een navorderingsaanslag heeft opgelegd aan belanghebbende wegens het ontbreken van recht op fiscale aftrek van verliezen uit zijn deelname in commanditaire vennootschap CV 9.
De CV's waren opgericht voor de productie en exploitatie van bioscoopfilms, waarbij A Pictures BV als beherend vennoot optrad en F BV de exploitatierechten beheerde. De Inspecteur stelde dat geen sprake was van een onderneming door de CV's, omdat de films feitelijk waren ingekocht bij Amerikaanse productiemaatschappijen en de CV's slechts kasrondes uitvoerden.
De Rechtbank had het beroep van belanghebbende gegrond verklaard, maar het Hof vernietigt deze uitspraak en verklaart het beroep ongegrond. Het Hof oordeelt dat de Inspecteur beschikte over een nieuw feit, namelijk de ontvangst van licentieovereenkomsten en verklaringen waaruit bleek dat CV 9 geen materiële onderneming dreef. Tevens werd het beroep op het vertrouwensbeginsel en onbehoorlijk bestuur verworpen. De heffingsrente werd gematigd vanwege ambtelijk verzuim. Het incidentele hoger beroep van belanghebbende werd niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het Hof verklaart het beroep tegen de navorderingsaanslag ongegrond en vermindert de heffingsrente tot €33.