Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 29 februari 2024
[X] B.V., te [Z] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst, de Inspecteur,
Procesverloop
€ 730 ter zake van twee auto’s.
Feiten
Oordeel van de Rechtbank
Beoordeling van het geschil
Omschrijving geschil in hoger beroep en conclusies van partijen
- of de Rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat sprake is van soortgelijke voertuigen;
- of de bruto bpm en daarmee de historische nieuwprijs op het juiste bedrag is vastgesteld;
- of de Rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dan wel onvoldoende heeft gemotiveerd dat alle met een NEDC2-uitstoot ingevoerde voertuigen zwaarder worden belast dan eerder ingevoerde auto’s;
- of de Rechtbank de zaken ten onrechte heeft teruggewezen naar de Inspecteur; en
- of de Rechtbank ten onrechte geen oordeel heeft gegeven over het beroep op interne compensatie van de Inspecteur.
- tot vaststelling van de inkoopwaarde van auto 1 op een bedrag van € 10.162, tot vaststelling van de (historische) bruto bpm van auto 1 op een bedrag van op € 4.162, tot vaststelling van de historische nieuwprijs van auto 1 op € 23.109, tot vaststelling van de verschuldigde bpm van auto 1 op een bedrag van op € 1.736 en tot vernietiging van de naheffingsaanslag ter zake van auto 1;
- tot vaststelling van de inkoopwaarde van auto 2 op een bedrag van € 15.544, tot vaststelling van de (historische) bruto bpm van auto 2 op een bedrag van op € 8.471, tot vaststelling van de historische nieuwprijs van auto 2 op € 36.769, tot vaststelling van de verschuldigde bpm van auto 2 op een bedrag van op € 3.475 en tot vernietiging van de naheffingsaanslag ter zake van auto 2; en subsidiair:
- tot vaststelling van de inkoopwaarde van auto 1 op een bedrag van € 10.162, tot vaststelling van de (historische) bruto bpm van auto 1 op een bedrag van op € 5.413, tot vaststelling van de historische nieuwprijs van auto 1 op € 24.499, tot vaststelling van de verschuldigde bpm van auto 1 op een bedrag van op € 2.245 en tot vermindering van de naheffingsaanslag ter zake van auto 1 naar een bedrag van € 509; en
- tot vaststelling van de inkoopwaarde van auto 2 op een bedrag van € 15.544, tot vaststelling van de (historische) bruto bpm van auto 2 op een bedrag van op € 12.593, tot vaststelling van de historische nieuwprijs van auto 2 op € 40.890, tot vaststelling van de verschuldigde bpm van auto 2 op een bedrag van op € 4.646 en tot vermindering van de naheffingsaanslag ter zake van auto 1 naar een bedrag van € 590.
Beoordeling van het hoger beroep
Proceskosten
Beslissing
- vernietigt de uitspraak van de Rechtbank behoudens de veroordeling van de Inspecteur en de Staat tot vergoeding van immateriële schade en de vergoeding van het griffierecht;
- veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende tot een bedrag van € 875;
- bevestigt de uitspraken op bezwaar.