ECLI:NL:GHSHE:2012:BY1982
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over toepassing herinvesteringsreserve bij aandelenoverdracht en onroerende zaken
Belanghebbende, een vennootschap die onroerende zaken had ingebracht en later verkocht aan haar aandeelhouders, stelde dat de boekwinst op deze verkoop mocht worden afgeboekt op de aanschaffingskosten van een kantoorpand dat zij kort daarna verwierf. De Inspecteur betwistte dit en stelde dat artikel 15e van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (Wet Vpb) toepassing vond, waardoor de herinvesteringsreserve aan de winst moest worden toegevoegd.
Het Hof oordeelde dat hoewel de onroerende zaken voorafgaand aan de aandelenoverdracht waren verkocht, de aandelenoverdracht en de aankoop van het kantoorpand op dezelfde dag plaatsvonden en onderling afhankelijk waren. Hierdoor was er een materiële samenhang tussen de herinvestering en de aandelenoverdracht, zodat de herinvesteringsreserve vanuit economisch oogpunt door de nieuwe aandeelhouder werd benut.
Het Hof verwierp het beroep op de ruilarresten omdat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat zij ten tijde van de vervreemding een concreet plan had om in directe samenhang een ander activum te verwerven. Ook verwierp het Hof de stelling dat artikel 15e van de Wet Vpb niet van toepassing zou zijn als vervreemding en herinvestering in hetzelfde jaar plaatsvinden.
De conclusie was dat artikel 15e van de Wet Vpb toepassing vond en dat de herinvesteringsreserve aan de winst moest worden toegevoegd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd. Er werd geen vergoeding van griffierecht toegekend en geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd; de herinvesteringsreserve moet aan de winst worden toegevoegd.