ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ7841
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bedrijfsopvolgingsfaciliteiten Successiewet en discriminatieverbod
Belanghebbende kreeg een aanslag successierecht opgelegd over een verkrijging uit de nalatenschap van erflater, waarbij bedrijfsopvolgingsfaciliteiten niet werden toegepast omdat erflater zijn onderneming in 2004 had gestaakt.
Belanghebbende stelde dat het discriminatieverbod in artikel 26 BUPO Pro en artikel 14 EVRM Pro vereist dat deze faciliteiten ook op zijn verkrijging worden toegepast. Het Hof oordeelde dat de wetgever een ruime beoordelingsvrijheid heeft en dat de faciliteiten gerechtvaardigd zijn door het belang van continuïteit van een echte onderneming.
Het Hof stelde vast dat belanghebbende geen ondernemingsvermogen van erflater had verkregen en dat de faciliteiten daarom niet van toepassing zijn. De aanslag werd gehandhaafd en het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard. Het griffierecht werd niet geheven en proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep van belanghebbende ongegrond en handhaaft de aanslag successierecht.