Deze zaak betreft drie effectenleaseovereenkomsten tussen Dexia en de afnemer, tot stand gekomen via Spaar Select, een tussenpersoon zonder de vereiste vergunning voor beleggingsadvies. Het hof bevestigt dat Spaar Select als cliëntenremisier optrad en dat zij de afnemer persoonlijk heeft geadviseerd, wat Dexia wist of behoorde te weten.
De kantonrechter wees de schadevergoeding voor de eerste overeenkomst af, maar het hof vernietigt dit oordeel en oordeelt dat Dexia onrechtmatig heeft gehandeld door de overeenkomst niet te weigeren. Dexia had moeten nagaan of Spaar Select geadviseerd had, en het nalaten hiervan leidt tot volledige vergoedingsplicht, inclusief restschuld, rente en kosten.
De vordering tot vergoeding van hypotheekschade wordt afgewezen omdat Dexia niet aansprakelijk is voor gevolgen van hypothecaire leningen bij derden. De schade wordt verminderd met fiscaal voordeel, maar de omvang daarvan moet nader worden vastgesteld in een schadestaatprocedure.
Het hof verklaart de afnemer niet-ontvankelijk in hoger beroep tegen het tussenvonnis van 2019, vernietigt de bestreden vonnissen van 2020 en 2021 voor zover zij de vordering afwezen, en bekrachtigt de veroordelingen voor de andere overeenkomsten. Dexia wordt veroordeeld in de proceskosten en de veroordeling wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.