Uitspraak
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift met het procesdossier van de eerste aanleg (overgelegd als producties 1 t/m 8) en producties 9 t/m 20, ingekomen bij de griffie op 24 november 2023;
- een brief van de griffie van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, met de aantekeningen van de mondelinge behandeling, ingekomen bij de griffie op 19 december 2023;
- het verweerschrift in hoger beroep tevens houdende incidenteel appel, ingekomen bij de griffie op 5 februari 2024;
- het verweerschrift in incidenteel hoger beroep met producties 21 t/m 23, ingekomen bij de griffie op 29 februari 2024;
- de akte houdende producties van [de werkgever] met producties 24 t/m 28, ingekomen bij de griffie op 29 februari 2024;
- de door [de werknemer] bij brief overgelegde aanvullende producties 25 en 26, ingekomen bij de griffie op 7 maart 2024;
- de op 14 maart 2024 gehouden mondelinge behandeling, waarbij door beide partijen spreekaantekeningen zijn overgelegd en waarbij zijn gehoord:
– the employee enters into the employ of the employer as of September 19th, 2016 in the position of Sales manager for an indefinite period of time;
e employer as from March 1st, 2017. Employment Conditions will be agreed between the parties in a separate supplementary employment agreement;(…)
- dat [de werknemer] uiterlijk één maand voor het aflopen van de overeenkomst een verklaring zou ontvangen of en onder welke voorwaarden een verlenging van de overeenkomst zou worden aangeboden en dat, indien geen overeenstemming zou worden bereikt, de overeenkomst zonder opzegtermijn zou eindigen op de overeengekomen datum; en
14. Renewal and termination of the contract
If no agreement can be reached regarding a renewal of the contract, then the contract shall end on the agreed date without the need for a notice of termination. (…)
14.Vertragsverlängerung und Vertragsende
We hereby confirm in writing that the employment relationship between [de werkgever] B.V. and you (…) will end by operation of law on 28 February 2023.(…)”.
- een gefixeerde schadevergoeding toe te wijzen aan [de werknemer] van € 22.659,06 bruto, althans een door het hof in goede justitie te bepalen bedrag;
Ragetlie/SLM), is dit voor de toepassing van de ketenregeling en daarmee ‘opgevolgd’ en ‘opvolgende’ in het huidige artikel niet langer van belang. Op grond van de ketenregeling van art. 7:668a BW worden voor de berekening van de duur van de arbeidsovereenkomst één of meer voorafgaande arbeidsovereenkomsten tussen dezelfde partijen, die elkaar met tussenpozen van ten hoogste zes maanden hebben opgevolgd, samengeteld en hierbij is het niet van belang of het gaat om dezelfde werkzaamheden (Kamerstukken II 2013/14, 33 988, nr. 3, p. 111-112). Dit betekent dat, toen [de werkgever] en [de werknemer] na de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd een nieuwe arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd sloten, was voldaan aan het criterium ‘opgevolgd’ van art. 7:667 lid 4 BW Pro.
Grillroom Ramses IIen HR 17 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:2905,
Constar).
separate supplementary employment agreement’) die per 1 maart 2017 zou ingaan en uiteindelijk pas op 10 april 2017 is ondertekend. Niet gebleken is dat de daaraan voorafgaande arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd op enig moment tijdens het dienstverband is opgezegd en tegen welke datum dat dan was of zou zijn geweest. Bovendien kon de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd pas vanaf de benoeming van [de werknemer] als statutair bestuurder op 30 mei 2017 worden opgezegd in de zin van art. 7:671 lid 1 sub e BW Pro (met betrekking tot een bestuurder van een rechtspersoon). [de werknemer] was in de periode daarvoor werknemer en voor zover [de werkgever] heeft betoogd dat hij toen heeft ingestemd met de overeenkomst voor bepaalde tijd baat dat haar niet. Onder rechtsgeldige opzegging in de zin van art. 7:667 lid 4 BW Pro kan, gezien de bescherming van de werknemer die door de wetgever in dat artikellid is bedoeld, niet een beëindiging van de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden worden verstaan (HR 20 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:2127).
Haviltex).
If the client and Mr. [de werknemer] would like to make arrangements regarding the right of interim termination and the applicable notice period, then this should be agreed upon in writing’. [de werkgever] heeft op 14 maart 2017 een aangepast concept naar [de werknemer] gemaild, waarin aan artikel 14 een Pro bepaling over tussentijdse opzegging in het Engels en Duits was toegevoegd (‘
prematurely’/
’vorzeitig’), met een termijn van 12 maanden voor [de werkgever] en 6 maanden voor [de werknemer] (zie hiervoor onder 3.2.4). Dit waren volgens [de werknemer] lange termijnen voor een periode van drie jaar, maar de periode van zes maanden was volgens hem wel gebruikelijk omdat een collega in Scandinavië had opgezegd en nog zes maanden door moest. Partijen hebben de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd op 10 april 2017 voor akkoord ondertekend en [de werknemer] is per 30 mei 2017 benoemd als statutair bestuurder. De arbeidsovereenkomst van 10 april 2017 is daarna onder dezelfde voorwaarden en bepalingen verlengd voor een periode van drie jaar (van 1 maart 2020 tot 28 februari 2023).
The end of your employment contract is an end by operation of law, so no reason for termination needs te be given’). De aandeelhouder van [de werkgever] heeft op 1 maart 2023 ook een andere e-mail aan [de werknemer] gezonden, waarbij hem in concept een aandeelhoudersbesluit werd toegestuurd en ook daarin is alleen en zonder nadere toelichting bevestigd dat zijn arbeidsovereenkomst van rechtswege was geëindigd. Uit deze mondelinge en schriftelijke berichten blijkt niet van enige opzegging van de arbeidsovereenkomst en ook niet van omstandigheden waaruit [de werknemer] redelijkerwijs een opzegging had kunnen of moeten afleiden. Aan [de werknemer] is uitsluitend mondeling en schriftelijk medegedeeld dat zijn arbeidsovereenkomst op 28 februari 2023 van rechtswege zou eindigen. [de werknemer] is direct vrijgesteld van zijn werkzaamheden, hem is gevraagd om zijn spullen op 28 februari 2023 in te leveren en om zijn werk voor die einddatum over te dragen.
Due to the specific fact that your employment contract was automatically terminated due to the passage of time, we have not further substantiated the dismissal in the draft you receive, because there are no reasons other than the passage of time. We have already explained that reason orally and in writing.”). [de werkgever] heeft zich in de brief van 15 april 2023 aan [de werknemer] ook slechts op het standpunt gesteld dat zij de laatste arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege heeft kunnen laten eindigen. Hieraan is toegevoegd dat [de werknemer] , door het standpunt in te nemen dat zijn arbeidsovereenkomst niet van rechtswege was geëindigd, zijn eigen belang heeft laten prevaleren boven het belang van de vennootschap en dat daardoor sprake was van onbehoorlijke taakvervulling als enig bestuurder van de vennootschap, maar ook dit heeft alleen betrekking op het standpunt dat de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege was geëindigd. Dit is geen opzeggingsgrond zoals limitatief opgesomd in art. 7:669 lid 3 onder Pro a t/m i BW.