ECLI:NL:HR:2001:AD4497
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- A.G. Pos
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring wegens ontbreken van verplichte procureurstelling bij verzoekschrift aan Hoge Raad
Verzoeker heeft zich met twee verzoekschriften gericht tot de Hoge Raad, waarin hij onder meer verzocht om een beroep op overmacht gegrond te verklaren en om ontvankelijk te worden verklaard ondanks het ontbreken van een verplichte procureurstelling. Tevens werd gevraagd om een schadevergoeding toe te kennen en om een advocaat te laten aanwijzen.
De Hoge Raad overweegt dat op grond van artikel 847, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering een verzoekschrift waarbij een vordering uit hoofde van rechtsweigering wordt ingesteld, ondertekend moet zijn door een advocaat bij de Hoge Raad. Er zijn geen wettelijke of internationale gronden om hiervan een uitzondering te maken, ook niet op basis van artikel 6 EVRM Pro of artikel 14 IVBPR Pro.
Daarom wordt verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoeken. Het beginsel van verplichte procesvertegenwoordiging geldt onverkort, en het ontbreken van een advocaat bij de Hoge Raad die het verzoekschrift ondertekent, leidt tot niet-ontvankelijkheid. De beschikking is gegeven door de vice-president en raadsheren en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een door een advocaat bij de Hoge Raad ondertekend verzoekschrift.