ECLI:NL:HR:2002:AD6993
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- G.J.M. Corstens
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- B.C. de Savornin Lohman
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen opzetheling en schadevergoeding aan bank
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarbij verdachte werd veroordeeld voor medeplegen van opzetheling. Verdachte stelde zijn bankpas en pincode ter beschikking aan een illegaal in Nederland verblijvende derde, die daarmee frauduleuze overboekingen verrichtte van een rekening van een derde partij naar de rekening van verdachte.
Het hof veroordeelde verdachte tot onbetaalde arbeid en legde een betalingsverplichting op voor schadevergoeding aan de benadeelde bank, die het frauduleuze bedrag had vergoed. Verdachte betwistte alleen de rente en afwikkelingskosten, niet het hoofdbedrag. De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht heeft geoordeeld dat verdachte hoofdelijk aansprakelijk is voor de schade tot het bedrag van de frauduleuze overboeking.
De Hoge Raad bevestigt dat het hof een juiste rechtsopvatting hanteerde door de bank als benadeelde partij toe te wijzen dat deel van de vordering dat direct verband houdt met het bewezenverklaarde medeplegen van opzetheling. Het beroep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; verdachte wordt veroordeeld tot medeplegen opzetheling en tot betaling van schadevergoeding aan de bank.