ECLI:NL:PHR:2014:1687
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest en oordeelt over rechtstreekse schade benadeelde partij bij openlijk in vereniging gepleegd geweld met verfbommen
Op 29 maart 2007 vond een ontruiming plaats van panden in Amsterdam waaruit verfbommen werden gegooid naar politie en hun materieel. Verdachte en medeverdachten werden aangehouden in deze panden en veroordeeld door het hof Amsterdam voor openlijk in vereniging gepleegd geweld en medeplegen van beschadiging van goederen. De Hoge Raad heeft het arrest van het hof vernietigd en de zaak terugverwezen voor hernieuwde behandeling.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht heeft geoordeeld dat verdachte en medeverdachten deel uitmaakten van een groep die geweld pleegde door verfbommen te gooien. Het hof motiveerde dit voldoende en het bewijs was toereikend. De Hoge Raad verwierp klachten over de afwijzing van verzoeken tot het horen van getuigen en de vermeende schending van het ondervragingsrecht.
Verder werd geoordeeld dat benadeelde partij X ontvankelijk is in haar vordering tot schadevergoeding wegens rechtstreekse schade aan haar auto, die in nauw verband staat met het bewezen verklaarde geweld. De politie Amsterdam-Amstelland werd niet-ontvankelijk verklaard voor haar vordering tot vergoeding van reinigingskosten van ME-kleding, omdat deze niet was gevorderd. Diverse procesrechtelijke klachten over termijnoverschrijding en motivering werden behandeld, waarvan enkele gegrond werden verklaard.
De Hoge Raad concludeerde dat de vordering van een benadeelde partij alleen ontvankelijk is indien sprake is van rechtstreekse schade door het bewezen verklaarde feit, waarbij een ruime uitleg van het begrip rechtstreekse schade wordt gehanteerd. De zaak wordt terugverwezen naar het hof Amsterdam voor hernieuwde berechting en afdoening.
Uitkomst: Het arrest van het hof Amsterdam wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting en afdoening.