ECLI:NL:HR:2004:AO1499
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over voorziening verkoop recreatiewoningen en zwembad
Belanghebbende, een houdstervennootschap die een fiscale eenheid vormt met twee dochtervennootschappen, had voor de jaren 1997 en 1998 aanslagen vennootschapsbelasting opgelegd gekregen. Deze aanslagen betroffen onder meer de opbrengst van de verkoop van 72 recreatiebungalows, waarbij een voorziening was gevormd voor een dekkingsbijdrage in de exploitatiekosten van een nog te bouwen zwembad.
Het hof Amsterdam verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, omdat het onvoldoende direct verband zag tussen de verkoopopbrengst van de bungalows en de voorziening voor het zwembad. De Hoge Raad oordeelt echter dat het hof ten onrechte de samenhang tussen de verkoop van de bungalows en het zwembad heeft miskend, nu jegens kopers verwachtingen zijn gewekt over het zwembad, wat mede de verkoopresultaten beïnvloedt.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest. Tevens wordt de Staat veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht ten behoeve van belanghebbende.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling met inachtneming van het arrest.