ECLI:NL:HR:2005:AR6194
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- W.A.M. van Schendel
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid Esso voor bodem- en grondwaterverontreiniging na exploitatie benzinestation
Esso Nederland B.V. werd door twee eigenaren van een perceel waarop vroeger een benzinestation van Esso was gevestigd, aangesproken voor schadevergoeding wegens bodem- en grondwaterverontreiniging die in 1994 werd geconstateerd. De eigenaren stelden dat Esso onzorgvuldig had gehandeld door bij de ontmanteling van het benzinestation in 1974 geen maatregelen te nemen om de bodem schoon op te leveren en de verontreiniging niet bekend te maken.
De rechtbank wees de vordering af omdat Esso niet onrechtmatig had gehandeld jegens de huidige eigenaren, mede omdat een eventuele inbreuk op het eigendomsrecht van de vorige eigenaar niet automatisch onrechtmatig handelen jegens de opvolgende eigenaren betekent. Het hof oordeelde echter anders en stelde dat de vordering tot schadevergoeding van de vorige eigenaar van rechtswege was overgegaan op de huidige eigenaren, wat de Hoge Raad onjuist achtte.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en verwees de zaak naar het gerechtshof te Arnhem voor verdere behandeling. De Hoge Raad benadrukte dat zonder afzonderlijke overdracht de vordering op grond van onrechtmatige daad niet automatisch overgaat op opvolgende eigenaren. Tevens wees de Hoge Raad op de noodzaak om nader te beoordelen of Esso jegens de vorige eigenaar wanprestatie heeft gepleegd of onrechtmatig heeft gehandeld.
De zaak betreft complexe vragen over eigendom, opvolging, onrechtmatige daad en contractuele verplichtingen bij bodemverontreiniging na beëindiging van bedrijfsactiviteiten.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar een ander gerechtshof voor verdere behandeling.