ECLI:NL:HR:2005:AS5074
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt vonnis over schadeloosstelling onteigening agrarisch bedrijf en woning
In deze zaak stond de schadeloosstelling centraal die de gemeente Hardenberg moest betalen aan eiser na de onteigening van zijn agrarisch bedrijf met woning en landerijen. De rechtbank Zwolle had de schadeloosstelling vastgesteld op basis van de waarde van het onteigende en de kosten van nieuwbouw van een vervangende woning en stal, maar bracht een aftrek wegens contantmaking aan die door eiser werd bestreden.
De Hoge Raad oordeelde dat de aftrek wegens contantmaking onterecht was omdat de waarde van het onteigende op de peildatum volledig aan eiser toekomt. Ook werd geoordeeld dat de rechtbank terecht in haar eindvonnis van standpunt mocht veranderen over de grootte van de te bouwen vervangende woning zonder partijen opnieuw te horen.
Daarnaast werd in het incidentele beroep het aantal varkens waarvoor een nieuwe stal mocht worden gebouwd ter discussie gesteld. De Hoge Raad bevestigde dat de rechtbank de deskundigen mocht volgen die uitgingen van een stal voor 100 varkens, ondanks de bezwaren van de gemeente.
Het arrest vernietigt het vonnis van 10 december 2003, behoudens de kostenveroordelingen, en veroordeelt de gemeente tot betaling van €177.252,72 met rente vanaf 14 januari 2002. Het incidentele beroep van de gemeente wordt verworpen.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt vonnis en veroordeelt gemeente tot betaling van €177.252,72 met rente vanaf 14 januari 2002.