ECLI:NL:HR:2006:AV6178
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt veroordeling wegens ontbreken bevel tot medewerking ademanalyse
Op 2 december 2002 werd verdachte in Apeldoorn aangehouden wegens het negeren van een rood verkeerslicht en een positieve blaastest. De opsporingsambtenaar vroeg verdachte vrijwillig mee te werken aan een ademanalyse op het politiebureau. Verdachte ging mee, maar verliet het bureau voordat de ademanalyse kon worden afgenomen.
Het hof Arnhem veroordeelde verdachte voor het opzettelijk belemmeren van een ambtshandeling, gebaseerd op het feit dat verdachte niet meewerkte aan de ademanalyse. In cassatie stelde verdachte dat hem geen bevel was gegeven om medewerking te verlenen, waardoor hij niet verplicht was te blijven wachten.
De Hoge Raad oordeelde dat uit de bewijsmiddelen niet blijkt dat aan verdachte een bevel ex art. 163 WVW Pro 1994 is gegeven om medewerking te verlenen. Het verzoek van de opsporingsambtenaar was slechts een vrijwillig verzoek, waardoor verdachte niet strafbaar kon zijn voor het verlaten van het politiebureau.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar het hof Arnhem voor een nieuwe berechting op het bestaande hoger beroep. De bewezenverklaring betreffende het beletten en verijdelen van handelingen door de opsporingsambtenaar was onvoldoende gemotiveerd.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest wegens ontbreken van een bevel tot medewerking aan de ademanalyse en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting.