ECLI:NL:HR:2007:AY9194

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 juni 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
03201/05 E
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • G.J.M. Corstens
  • J.W. Ilsink
  • W.M.E. Thomassen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 7 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling of tarragrond een afvalstof is volgens de Wet milieubeheer

In deze strafzaak stond de vraag centraal of tarragrond kwalificeert als een afvalstof binnen de betekenis van de Wet milieubeheer. Het gerechtshof te 's-Gravenhage had eerder een arrest gewezen waarin deze kwalificatie werd bevestigd. Verdachte, een besloten vennootschap, stelde zich in cassatie op het standpunt dat het hof onjuist had geoordeeld.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van verdachte beoordeeld aan de hand van de ingebrachte middelen en het commentaar van de raadsman op de conclusie van de Advocaat-Generaal. De middelen konden niet tot cassatie leiden, mede omdat zij geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad oordeelde dat er geen grond was om het bestreden arrest ambtshalve te vernietigen en verwierp het beroep. Hiermee bleef het oordeel van het gerechtshof over de status van tarragrond als afvalstof ongewijzigd. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren, en is van belang voor de interpretatie van milieurechtelijke begrippen in strafzaken.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof wordt bekrachtigd.

Uitspraak

19 juni 2007
Strafkamer
nr. 03201/05 E
km/AM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage, Economische Kamer, van 6 juli 2005, nummer 22/000059-04, in de strafzaak tegen:
[verdachte] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats].
1. Geding in cassatie
1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. J. Wouters, advocaat te Middelburg, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
1.2. De Hoge Raad heeft kennisgenomen van het schriftelijk commentaar van de raadsman op de conclusie van de Advocaat-Generaal.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Slotsom
Nu geen van de middelen tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president G.J.M. Corstens als voorzitter, en de raadsheren J.W. Ilsink en W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken op 19 juni 2007.