ECLI:NL:HR:2010:BK1610
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over uitleg en resultaatsverbintenis IPO in Shareholders Agreement
Deze zaak betreft een geschil tussen Liberty Global Europe N.V. (voorheen UPC) en de Cignal-aandeelhouders over de uitleg van de Shareholders Agreement, met name de verplichtingen van UPC omtrent de beursgang (IPO) van Priority Telecom NV.
De Cignal-aandeelhouders stelden dat UPC tekortgeschoten is in de nakoming van haar verplichtingen door geen daadwerkelijke IPO te realiseren die resulteerde in een actieve publieke handelsmarkt voor de aandelen Priority, en vorderden een schadevergoeding van 200 miljoen dollar.
De rechtbank wees de vorderingen af, het hof verklaarde een deel niet-ontvankelijk en oordeelde dat UPC een inspanningsverplichting had, maar niet aan een resultaatsverplichting was gehouden. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof omdat het hof buiten de grenzen van de rechtsstrijd is getreden door een zorgplicht aan te nemen die niet aan de vorderingen ten grondslag lag.
De Hoge Raad bevestigt dat de IPO-definitie in de overeenkomst ook de notering van bestaande aandelen omvat en dat UPC geen resultaatsverplichting had om een actieve handelsmarkt te garanderen. De zaak wordt terugverwezen naar het hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof Amsterdam wordt vernietigd en de zaak verwezen naar het hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.