ECLI:NL:HR:2010:BK4547
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt verbod op discriminatie vrouwen passief kiesrecht SGP
In deze zaak stond centraal de vraag of de Staat onrechtmatig handelt door niet in te grijpen tegen de Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP) die vrouwen geen passief kiesrecht toekent voor algemeen vertegenwoordigende overheidsorganen. De SGP baseert haar beleid op een godsdienstige overtuiging dat vrouwen niet mogen regeren, wat discriminatie inhoudt.
De Stichting Clara Wichmann en andere organisaties vorderden namens het algemeen belang handhaving van het discriminatieverbod op grond van geslacht, zoals neergelegd in het VN-Vrouwenverdrag. De Staat en de SGP voerden onder meer aan dat het belang van deze vrouwen niet samenvalt met het algemeen belang en dat de vrijheid van godsdienst en vereniging bescherming verdienen.
De Hoge Raad oordeelde dat het discriminatieverbod in het Vrouwenverdrag en de Grondwet zwaarder weegt dan de door de SGP ingeroepen grondrechten. De Staat moet maatregelen nemen om het passief kiesrecht voor vrouwen effectief te verzekeren, maar de rechter kan niet bevelen welke specifieke maatregelen dat moeten zijn. De cassatieberoepen van de Staat, SGP en Clara Wichmann c.s. werden verworpen.
De uitspraak bevestigt de rechtstreekse werking van art. 7 van Pro het VN-Vrouwenverdrag en benadrukt de centrale rol van politieke partijen in het democratisch bestel, waarbij discriminatie op grond van geslacht niet is toegestaan, ook niet op basis van godsdienstige overtuigingen.
Tot slot veroordeelde de Hoge Raad partijen in de proceskosten en wees zij de vorderingen af.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp de cassatieberoepen en bevestigde dat de Staat onrechtmatig handelt door niet op te treden tegen de discriminatie van vrouwen door de SGP, maar de rechter kan geen specifieke maatregelen opleggen.