ECLI:NL:HR:2012:BV3678
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Toepasselijkheid CMR-Verdrag bij multimodaal vervoer zonder stapelvervoer
De zaak betreft een geschil over de toepasselijkheid van het CMR-Verdrag op multimodaal vervoer van een container gezouten vis van Reykjavik naar Napels, waarbij het wegvervoer door een derde partij plaatsvond. IF en SIF vorderden schadevergoeding van Eimskip op grond van art. 17 lid 1 CMR Pro, stellende dat Rotterdam de plaats van inontvangstneming was, waardoor de Nederlandse rechter bevoegd zou zijn.
De rechtbank verklaarde zich bevoegd en stelde het CMR-Verdrag van toepassing, waardoor de forumkeuzeclausule in het contract nietig was. Het hof vernietigde dit vonnis en oordeelde dat het CMR-Verdrag niet van toepassing is op het multimodaal vervoer zonder stapelvervoer, waardoor de forumkeuzeclausule geldig blijft en de Nederlandse rechter onbevoegd is.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof. Uit de verdragsbepalingen, het ondertekeningsprotocol, en jurisprudentie blijkt dat het CMR-Verdrag niet in het algemeen van toepassing is op multimodaal vervoer zonder stapelvervoer. Ook als de schade tijdens het wegvervoer ontstaat, verandert dit niet. De forumkeuzeclausule is daardoor niet nietig en de Nederlandse rechter is onbevoegd.
Deze uitspraak benadrukt het belang van rechtszekerheid en uniforme verdragsuitleg in het internationale vervoersrecht, en voorkomt onwerkbare situaties waarin toepasselijke regels per traject zouden wisselen.
Uitkomst: Het beroep van IF en SIF wordt verworpen; het CMR-Verdrag is niet van toepassing op het multimodaal vervoer zonder stapelvervoer, waardoor de Nederlandse rechter onbevoegd is.