ECLI:NL:HR:2012:BW5000
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Y. Buruma
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat heimelijk fotograferen in doucheruimte geen ontuchtige handeling is
In deze strafzaak stond de vraag centraal of het heimelijk fotograferen en filmen van naakte personen in een doucheruimte kan worden gekwalificeerd als ontuchtige handelingen in de zin van artikel 246 Sr Pro. Verdachte werd ervan beschuldigd op een camping meerdere naakte mannen heimelijk te hebben gefotografeerd en gefilmd in een sanitairgebouw.
De rechtbank oordeelde dat het niet wettig en overtuigend bewezen was dat verdachte ontuchtige handelingen had verricht, omdat fotograferen en filmen niet als seksuele handelingen kunnen worden aangemerkt. Het hof bevestigde dit oordeel en voegde toe dat ook indien de foto's werden gemaakt met het oog op lustbevrediging, dit niet leidt tot kwalificatie als ontuchtige handelingen.
De Hoge Raad overwoog dat het oordeel van het hof geen onjuiste uitleg van artikel 246 Sr Pro bevat en voldoende gemotiveerd is. Ook het gebruik van een technisch hulpmiddel zonder duidelijke kenbaarheid van aanwezigheid, strafbaar gesteld in artikel 139f Sr, betreft op zichzelf geen ontuchtige handeling. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee het arrest van het hof definitief werd bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigde dat heimelijk fotograferen in een doucheruimte geen ontuchtige handeling is en verwierp het cassatieberoep.