ECLI:NL:HR:2016:2061

Hoge Raad

Datum uitspraak
13 september 2016
Publicatiedatum
13 september 2016
Zaaknummer
15/00178
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 10 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel

De betrokkene stelde cassatieberoep in tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel was toegewezen. De advocaat van de betrokkene diende een middel van cassatie in. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep te verwerpen.

De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden. Dit omdat het hof abusievelijk had overwogen dat de veroordeelde uit het bewezen verklaarde handelen financieel voordeel had genoten, terwijl de juiste lezing moest zijn dat de veroordeelde uit het bewezen verklaarde handelen en soortgelijke feiten, waarvan voldoende aanwijzingen bestaan dat deze door hem zijn begaan, financieel voordeel had genoten.

Met deze verbeterde lezing viel de feitelijke grondslag van het middel weg. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering was nadere motivering niet vereist. De Hoge Raad wees het beroep af en bevestigde daarmee het arrest van het hof.

Het arrest werd gewezen door de vice-president van Schendel als voorzitter, met raadsheren Splinter-van Kan en Van den Brink, en uitgesproken in openbare terechtzitting op 13 september 2016.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden bevestigd.

Uitspraak

13 september 2016
Strafkamer
nr. S 15/00178 P
LBS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 18 december 2014, nummer 21/007572-13, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:
[betrokkene], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1973.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft H.D. Postma, advocaat te Leeuwarden, een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
13 september 2016.