Conclusie
Loans Pis a manufacturing company, not engaged in the lending business ... S. is a wholly-owned subsidiary of P ... P lends S funds ... The loan is on open account and without interest.
With regard to Dutch P: Interest will be allocated to P on the amount which it could have charged to an independent third party for a loan contracted under similar circumstances and under the same conditions.’‘ De
Ad bbeschreven jurisprudentie gaat niet alleen aan de zijde van de (dochter-)vennootschap, maar ook aan die van de aandeelhouder-ondernemer niet op. Men zou kunnen zeggen, dat het aandeelhouderschap behoort tot de ‘‘bijzondere omstandigheden’‘, als bedoeld in H.R. 30 oktober 1968, BNB 1969/5. Van fiscaalrechtelijk belang is de kwestie ook in binnenlandse verhoudingen bij voorbeeld indien de aandeelhouder een lichaam is dat een beroep op de deelnemingsvrijstelling kan doen: het kan dan niet door voor een lening aan de dochtervennootschap geen rente te bedingen bereiken, dat een dienovereenkomstig hoger dividend ten volle belastingvrij zou blijven.