ECLI:NL:PHR:2007:BB3771
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt faillietverklaring vennootschap ondanks tegenvordering en motiveringsvereisten
In deze zaak heeft Bencom S.R.L. de vennootschap onder firma [verzoekster 1] en haar vennoten in staat van faillissement laten verklaren wegens het niet betalen van facturen ter zake van kledingleveranties. [Verzoeker] voerde verweer met een tegenvordering wegens vermeende schending van een zorgplicht door Bencom en betwistte de toestand van te hebben opgehouden te betalen.
De rechtbank wees het faillissementsverzoek af vanwege onvoldoende bewijs van de vordering van Bencom, mede door de tegenvordering. Het hof vernietigde dit en verklaarde de vennootschap failliet, stellende dat de opeisbare vordering van Bencom en de aanzienlijke schuld in rekening-courant bij de ING Bank samen de toestand van niet-betaling aannemelijk maken.
In cassatie werd geklaagd over de motivering van het faillissement, de beoordeling van de tegenvordering, en de zorgplicht van Bencom. De Hoge Raad oordeelt dat het hof voldoende inzicht heeft gegeven in zijn motivering en dat de tegenvordering niet aannemelijk was om het faillissement te verhinderen. Ook is het oordeel over de zorgplicht niet onbegrijpelijk. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de faillietverklaring van de vennootschap wordt bevestigd.