ECLI:NL:PHR:2012:BX4481
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt strafbaarheid van voorbereiding met voorwerpen zonder kennelijke criminele bestemming
Op 22 januari 2010 beraamde verdachte samen met anderen een overval op een benzinestation in Zaandam/Oostzaan. Verdachte had een mobiele telefoon die hij opzettelijk gebruikte bij de voorbereiding van het misdrijf. Hij werd samen met medeverdachten aangehouden op de afgesproken plaats.
Het hof veroordeelde verdachte voor voorbereiding van diefstal met geweld en/of medeplegen van afpersing, omdat hij opzettelijk een mobiele telefoon voorhanden had die bestemd was voor het plegen van het misdrijf. Verdachte stelde in cassatie dat een telefoon niet kan worden aangemerkt als een voorwerp dat kennelijk bestemd is tot het plegen van een misdrijf.
De Hoge Raad oordeelde dat sinds de wetswijziging van artikel 46 Sr Pro het begrip 'kennelijk' is geschrapt. Hierdoor is niet langer vereist dat uit de aard van het voorwerp de criminele bestemming blijkt. Het opzet van de dader is voldoende om strafbaarheid aan te nemen. Het hof heeft terecht geoordeeld dat verdachte de telefoon opzettelijk gebruikte bij de voorbereiding van de overval. Het cassatiemiddel faalt en het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de strafrechtelijke veroordeling voor voorbereiding met een mobiele telefoon bevestigd.