ECLI:NL:PHR:2012:BX5120
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt betrouwbaarheid steekproef en afwijzing aftrek investeringskosten bij ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij
In deze zaak stond de ontnemingsvordering wegens wederrechtelijk verkregen voordeel uit hennepteelt centraal. De verdediging voerde aan dat de steekproef die het hof gebruikte om het voordeel te schatten onbetrouwbaar was vanwege het geringe aantal geteste moederplanten. Tevens stelde zij dat investeringskosten in materialen volledig van de opbrengst afgetrokken moesten worden.
Het hof oordeelde dat de steekproef, ondanks dat slechts 10 planten werden onderzocht van een totaal van 2.681, representatief en betrouwbaar was. Het hof vond dat een ruimere steekproef te prefereren was, maar dat dit niet leidde tot ongeldigheid van de steekproefresultaten. Daarnaast verwierp het hof het standpunt dat investeringskosten volledig in mindering gebracht moesten worden, omdat volgens vaste rechtspraak slechts de waardevermindering (afschrijvingskosten) in aanmerking komt en het overige bedrijfsrisico is.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof en wijst de cassatiemiddelen af. De Hoge Raad oordeelt dat het hof voldoende gemotiveerd heeft waarom het is afgeweken van het door de verdediging onderbouwde standpunt over de oogst en de steekproef. Ook is het hof niet gehouden nader te motiveren waarom niet de volledige investeringskosten worden afgetrokken. De vrijheid van de rechter om te bepalen in hoeverre kosten worden meegewogen bij ontneming wordt bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het hofarrest bevestigd waarin de ontnemingsvordering wordt toegewezen op basis van een betrouwbare steekproef en zonder volledige aftrek van investeringskosten.