Conclusie
1.Feiten en procesverloop
conventiegevorderd (a) dat de man wordt veroordeeld tot overlegging van alle financiële gegevens van de huwelijksgemeenschap van partijen, per datum echtscheiding tot en met heden (b) dat de wijze van verdeling van deze huwelijksgemeenschap wordt vastgesteld overeenkomstig het voorstel van de vrouw in het lichaam van de dagvaarding, (c) dat de man wordt veroordeeld tot het verlenen van medewerking aan de effectuering van de vastgestelde wijze van verdeling, alsmede (d) dat de man wordt veroordeeld tot betaling van de gelden die hij op grond van de vast te stellen wijze van verdeling aan de vrouw schuldig is.
reconventiegevorderd te bepalen dat de vrouw haar medewerking verleent aan het verlijden van de aktes tot verdeling en levering van de appartementen aan de [a-straat 1] en de [b-straat 1] , met machtiging aan de man om het vonnis op de voet van art. 3:300 BW Pro in de plaats te doen stellen van de medewerking van de vrouw.
conventiede wijze van verdeling aldus vastgesteld dat aan de man zijn toegedeeld: de appartementen aan de [a-straat 1] en de [b-straat 1] , het saldo van de op zijn naam staande bankrekening, zijn auto, de activa en passiva behorend tot de onderneming van de man, alsmede de in de echtelijke woning achtergebleven inboedelgoederen. Aan de vrouw zijn toegedeeld: het saldo van de op haar naam staande bankrekening en haar auto. De man is veroordeeld tot betaling aan de vrouw van een bedrag van € 12.299,63 (incl. rente) wegens overbedeling. Het meer of anders gevorderde is afgewezen.
reconventieis de vrouw bevolen haar medewerking te verlenen aan het verlijden van een tweetal aktes tot verdeling en levering van de appartementen.
2.Bespreking van het principaal cassatieberoep
de factoreeds in 1986 had plaatsgevonden, respectievelijk dat hij er gerechtvaardigd op mocht vertrouwen dat de vrouw met die
feitelijkeverdeling had ingestemd. De klachten ontberen derhalve feitelijke grondslag.
rechtenseen volwaardige verdeling (inclusief de vaststelling van vorderingen uit over- en onderbedeling [11] ) tot stand was gekomen, kan dat betoog niet baten.
kopje “gemeenschap reeds verdeeld?”de stelling van de man dat thans geen verdeling meer kan worden gevorderd omdat de verdeling in 1986 feitelijk is afgewikkeld, onder ogen gezien en geoordeeld dat de man daarmee onvoldoende heeft onderbouwd dat rechtens een verdeling tot stand is gekomen (rov. 4.1). De rechtbank is daarop overgegaan tot vaststelling van de verdeling (rov. 4.4). Zij heeft daarmee de vordering van de vrouw in zoverre toegewezen en in zoverre in het nadeel van de man beslist.
gelijkis gesteld, het verweer dat hij in eerste aanleg heeft gevoerd, maar dat door de rechter buiten behandeling is gelaten of is verworpen, niet door een incidenteel appel opnieuw aan het oordeel van de appelrechter voor te leggen. De devolutieve werking van het appel brengt mee dat dit verweer alsnog dan wel opnieuw moet worden beoordeeld als een of meer grieven doel treffen en daarom opnieuw moet worden beoordeeld of de vordering voor toewijzing vatbaar is. Dat is alleen anders indien het verweer in hoger beroep is prijsgegeven. [12] De regel is erop gebaseerd dat geïntimeerde geen belang heeft bij het aanvoeren van een incidentele grief tegen verwerping van zijn stellingen door de rechtbank voor zover dat niet tot een voor hem nadelig dictum heeft geleid. [13] Indien hij echter een verandering van het dictum wenst, dient hij incidenteel te appelleren. [14] Het dictum mag zonder incidenteel appel niet ongunstiger uitvallen voor appellant. [15]
ten eerstedat het hof in het eindarrest een verrassingsbeslissing heeft gegeven door, zonder partijen daarover te hebben gehoord, af te wijken van zijn in het tussenarrest geuite voornemen ter zake van de waarde van de appartementsrechten een deskundigenbericht te gelasten.
Ten tweedeklaagt het middel dat het hof in rov. 7 ten onrechte voorbij is gegaan aan het aanbod dat de man bij antwoordakte heeft gedaan om bij de taxatie van het pand aan de [a-straat 1] ‘een omvangrijk bouwdossier’ te betrekken waaruit zou blijken dat de man heeft geïnvesteerd in dat pand waardoor de waarde van het pand is gestegen. De man wenste hiermee te bereiken dat vastgesteld wordt welk deel van de waarde is toe te schrijven aan de investering van de man. [23]
3.Bespreking van het incidenteel cassatieberoep
4.Conclusie
- in het principaal beroep: tot verwerping, en
- in het incidenteel beroep: tot vernietiging en verwijzing.