Conclusie
eerste middelbehelst de klacht dat het hof ten onrechte, althans ontoereikend en/of onbegrijpelijk gemotiveerd, de vordering van de benadeelde partij [betrokkene 1] ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde geheel heeft toegewezen (€ 4.362,-) en een schadevergoedingsmaatregel tot dat bedrag heeft opgelegd, terwijl een deel van de schade (de waarde van een gestolen iPad en een Acer tablet) niet als rechtstreeks gevolg van dat feit kan worden aangemerkt.
(bedoeld is kennelijk: materiële, AG)schade van € 4.362,- ten gevolge van het aan verdachte onder 1 tenlastegelegde en bewezenverklaarde strafbare feit.
tweede middelbevat de klacht dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, EVRM in de cassatiefase is overschreden, doordat het hof de stukken te laat heeft ingezonden.