ECLI:NL:PHR:2019:1008
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toelating van Naftogaz als gevoegde partij in cassatieprocedure naast Omni Bridgeway
In deze zaak vordert Naftogaz in cassatie te worden toegelaten als gevoegde partij aan de zijde van Omni Bridgeway, ondanks dat zij in eerdere instanties reeds als gevoegde partij betrokken was en geen zelfstandig cassatieberoep heeft ingesteld.
De procedure betreft een kort geding tussen Omni en Trameta, waarbij Naftogaz aanvankelijk tussenkomst en subsidiair voeging vorderde. De voorzieningenrechter stond de voeging toe, maar het hof verklaarde de Nederlandse rechter onbevoegd en wees de vorderingen van zowel Omni als Naftogaz af. Omni stelde cassatieberoep in, waarna Naftogaz incidenteel vordering tot voeging in cassatie indiende.
De Hoge Raad overweegt dat een partij die zich als gevoegde partij in eerdere instanties heeft gevoegd, niet verplicht is zelfstandig cassatieberoep in te stellen om in cassatie betrokken te blijven. De gevoegde partij kan zich opnieuw voegen, mits voldaan wordt aan de procesrechtelijke vereisten zoals het belang en tijdigheid van de vordering. Naftogaz heeft voldoende belang bij voeging en heeft tijdig haar incidentele conclusie ingediend.
De conclusie van de Procureur-Generaal strekt tot toewijzing van de incidentele vordering tot voeging, waarmee Naftogaz als gevoegde partij aan de zijde van Omni in cassatie kan optreden.
Uitkomst: De incidentele vordering tot voeging van Naftogaz in cassatie aan de zijde van Omni wordt toegewezen.