Conclusie
Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden
1.Inleiding
Pieperschuur-arrest. [3] Deze hoofdregel houdt in dat indien sprake is van een in de commerciële sfeer gebezigde, courante onroerende zaak, de gecorrigeerde vervangingswaarde in beginsel niet kan afwijken van de waarde in het economische verkeer, de marktwaarde.
Pieperschuur-arrest,waardering op marktwaarde, worden toegepast, maar moet tevens worden bepaald welke waarde de onroerende zaak in economische zin heeft voor de eigenaar zelf. Derhalve moet de gecorrigeerde vervangingswaarde van de onroerende zaak zelfstandig worden bepaald, om vervolgens te bezien of die hoger is dan de marktwaarde.
Pieperschuur-arrest, zodat de gecorrigeerde vervangingswaarde niet afwijkt van de marktwaarde. Daaraan kan volgens belanghebbende niet afdoen dat de onroerende zaak, op de relevante waardepeildata en toestandsdata, door belanghebbende niet in de commerciële sfeer werd gebezigd.
2.De feiten en het geding in feitelijke instanties
3.Het geding in cassatie
“partijen eenparig[hebben]
verklaard zich te verenigen met de door de Rechtbank in goede justitie vastgestelde marktwaarde (op basis van de huurwaardekapitalisatiemethode) ad €80.000.000”niet volledig juist is. Partijen hebben zich immers verenigd met de schattenderwijs door de rechtbank vastgestelde waarde, waarin de rechtbank de geschatte vervangingswaarde van de in aanbouw zijnde parkeergarage en fietsenstalling zal hebben betrokken. Uit rov. 4.15 volgt evenwel dat het Hof dit niet heeft miskend.
4.Wet- en regelgeving en jurisprudentie
het complex als aardappelbewaar- en sorteerplaats gewaardeerd dient te worden omdat het als zodanig een hogere waarde heeft dan als gebouw voor algemene gebruiksdoeleinden. Voor zover onderdeel 2 van het middel, waarin dit oordeel wordt bestreden, ervan uitgaat dat bij de veronderstelde verkoop van het complex geen rekening mag worden gehouden met de bijzondere geschiktheid welke het complex heeft voor gebruik als aardappelbewaar- en sorteerplaats, faalt het. De bij de veronderstelde verkoop geboden uitschakeling van de (subjectieve) bestemming welke de eigenaar aan het complex heeft gegeven brengt immers niet mee dat voorbij moet worden gegaan aan de aard en de (objectieve) bestemming ervan. (…)
bij de aanbieding van het complex als aardappelbewaar- en sorteerplaatsop de meest geschikte wijze na de beste voorbereiding door de meestbiedende gegadigde daarvoor zou worden besteed.
Die prijs zal, nu het hier gaat om een in de commerciële sfeer gebezigde courante onroerende zaak, naar het Hof met juistheid heeft geoordeeld in beginsel niet afwijken van de zogenaamde gecorrigeerde vervangingswaarde.[onderstrepingen toegevoegd; A-G]
Pieperschuur-arrestaf waarom de Hoge Raad de kwalificatie van ‘in de commerciële sfeer gebezigde’ courante onroerende zaak zo nadrukkelijk in zijn overwegingen betrekt: [22]
in de commerciële sfeerwordt gebezigd heeft de Hoge Raad in zijn arrest van 17 februari 1999 (hierna: Deurne-arrest) als volgt geoordeeld: [24]
Pieperschuur-arrest, als zijnde de hoofdregel, herhaald: [30]
5.Beoordeling van de middelen
Ministerie-arrestheeft de Hoge Raad geoordeeld dat een in artikel 17, derde lid, van de Wet WOZ omschreven onroerende zaak
moet worden gesteld op de gecorrigeerde vervangingswaarde ongeacht of die zaak courant dan wel incourant is, en ongeacht of die zaak al dan niet bruikbaar is voor commerciële doeleinden. Volgens de Hoge Raad volgt dit mede uit de wetsgeschiedenis van artikel 17, derde lid, van de Wet WOZ. [36] De vraag of een dergelijke onroerende zaak courant dan wel incourant is, is op basis van de huidige wetgeving, naar ik meen, niet meer van belang voor de vraag op basis van welke waarderingsmethode een onroerende zaak – zijnde een niet-woning – moet worden gewaardeerd.
Pieperschuur-arrest. In dit arrest heeft de Hoge Raad geoordeeld dat, onder bepaalde voorwaarden, de gecorrigeerde vervangingswaarde in beginsel gelijk is aan de waarde in het economische verkeer. In het
Pieperschuur-arrestbetrof het een in de commerciële sfeer gebezigde courante onroerende zaak. Op basis van deze elementen dient de Pieperschuur-leer in ieder geval toegepast te worden indien sprake is van (i) een in de commerciële sfeer gebezigde onroerende zaak, welke (ii) courant is.
Deurne-arrestheeft de Hoge Raad geoordeeld dat een gemeentelijk zwembad niet commercieel werd geëxploiteerd. De exploitatie geschiedde niet uitsluitend om daarmee winst te behalen, maar ook en vooral om in het algemeen belang gelegen redenen. [38] Deze lijn is door de Hoge Raad doorgezet: enkel indien de exploitatie geschiedt met het uitsluitende doel om daarmee winst te behalen is sprake van bedrijfsmatig gebruikte onroerende zaken. [39] Oftewel: een volledig in de commerciële sfeer gebezigde onroerende zaak.
Pieperschuur-arrest [43] geldt niet relevant is of het object in de commerciële sfeer wordt gebezigd maar of het gaat om een courant object. Volgens belanghebbende is de onroerende zaak in casu courant, waardoor de hoofdregel uit het
Pieperschuur-arrestgeldt, zodat de gecorrigeerde vervangingswaarde in beginsel niet afwijkt van de marktwaarde. [44]
Pieperschuur-arrest, waarin de annotator betoogt dat voor niet in de commerciële sfeer gebezigde courante onroerende zaken de marktwaarde eveneens (in beginsel) niet zal afwijken van de gecorrigeerde vervangingswaarde. [45] Belanghebbende verwijst voorts naar het
Ministerie-arrestwaar het een niet in de commerciële sfeer gebezigde courante onroerende zaak betrof. Verder verwijst belanghebbende naar literatuur waarin wordt beschreven dat er geen reden is aan te nemen dat het Pieperschuur-criterium niet eveneens geldt voor in de niet-commerciële sfeer gebezigde courante onroerende zaken. [46]
Veendam-arrest [47] is geoordeeld dat de gecorrigeerde vervangingswaarde van een in de commerciële sfeer gebezigde (incourante) onroerende zaak niet hoger kan worden gesteld dan de bedrijfswaarde. Uit de wetsgeschiedenis van de totstandkoming van de Gemeentewet [48] moet immers worden afgeleid dat de wetgever door voor bepaalde onroerende zaken waardering op de gecorrigeerde vervangingswaarde voor te schrijven heeft willen bereiken dat voor de waardering van die zaken heeft te gelden de waarde welke die zaken in economische zin voor de eigenaar zelf hebben. Dat lijkt mij uitgaande van commercieel gebruik van het pand en bijpassend winststreven, goed te volgen. Echter, in casu is sprake van een pand dat wel courant is, maar niet commercieel wordt geëxploiteerd, zodat het
Veendam-arresthier niet van toepassing is.
Nieuwe Kerk-arrest [49] geoordeeld dat de gecorrigeerde vervangingswaarde op zodanige wijze wordt berekend dat niet méér wordt belast dan het bedrag waarvoor de eigenaar een onroerende zaak zou kunnen verwerven die voor hem hetzelfde nut oplevert als de te waarderen zaak (= benuttingswaarde). [50] Het komt mij voor dat dit aansluit bij de onderhavige zaak.
vervangingswaarde. Verder geldt dat partijen zich hebben verenigd met de schattenderwijs door de Rechtbank vastgestelde waarde, waarin de Rechtbank de geschatte vervangingswaarde van de in aanbouw zijnde parkeergarage en fietsenstalling heeft betrokken. [56] Aldus mist het middel feitelijke grondslag.