Conclusie
eerstemiddel klaagt dat de bewezenverklaring onder 1 voor zover inhoudend dat de verdachte tezamen en in vereniging met de medeverdachte [medeverdachte 1] een hoeveelheid van 30 kg MDMA buiten Nederlands grondgebied heeft gebracht, niet uit de gebezigde bewijsvoering kan worden afgeleid, althans dat het onder 1 bewezenverklaarde onbegrijpelijk is dan wel ontoereikend gemotiveerd is, nu uit de bewijsvoering niet (zonder meer) volgt dat de verdachte een bijdrage van voldoende gewicht heeft geleverd aan het ten vervoer aanbieden van die MDMA.
Dit proces-verbaal houdt onder meer in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als waarnemingen van genoemde verbalisant(en):
Bij dit transport zijn betrokken de verdachten:
• [verdachte] , geboren [geboortedatum] 1957 te [geboorteplaats]
• [medeverdachte 1] , geboren [geboortedatum] 1975 te [geboorteplaats]
Uit het onderzoek bleek verder dat de kist met daarin de verdovende middelen op 25 maart 2013 was getransporteerd met een Ford Transit voorzien van het kenteken [kenteken] . Gezien was namelijk dat deze Ford Transit [kenteken] gereden was vanaf de [b-straat] te [plaats] via de [c-straat] te Den Oever naar de [a-straat] te Alkmaar, waar de kist vervolgens voor verder transport werd afgeleverd.
Om nader vast te stellen met welke wagen de kist bij het bedrijf [B] BV was bezorgd is door verbalisanten 8020 en 10189 op dinsdag 26 maart 2013 een onderzoek ingesteld in de omgeving van de [a-straat 1] te Alkmaar met als doel het vinden van camera opstellingen die mogelijk opnames hadden gemaakt van de gebruikte wagen en de bestuurder daarvan.
Door mij werd gezien dat bij perceel [a-straat 2] te Alkmaar een beveiligingscamera was bevestigd aan de voorzijde van het pand. Ik zag dat deze camera gericht was op het toegangshek van het perceel. Ik zag verder dat de mogelijkheid bestond dat ook een deel van de openbare weg van de [a-straat] door deze camera gezien kon worden.
In perceel [a-straat 2] te Alkmaar is gevestigd het bedrijf [C] .
Hij verklaarde mij dat zij inderdaad een beveiligingscamera hadden met als doel beelden van hun toegangshek op te nemen.
Op 26 maart 2012 omstreeks 15.47 uur ontving ik van [betrokkene 2] een emailbericht. In dit bericht schreef [betrokkene 2] dat de pick-up inderdaad op de beelden stond. [betrokkene 2] had 2 schermafbeeldingen bijgevoegd van de Pick-up truck.
• Een van 7.02 uur waarbij te zien is dat er een kist geladen is en de wagen rijdt in de richting van het bedrijf [B] BV.
• Een van 7.41 uur waarbij te zien is dat pick-up truck voorbij rijdt ZONDER de eerder genoemde kist. De pick-up truck rijdt nu in de richting van de [d-straat] te Alkmaar.
Dit proces-verbaal houdt onder meer in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als bevindingen van genoemde verbalisant(en):
Het is het onderzoeksteam bekend dat dicht bij genoemde kruising, in perceel [a-straat 1] een transportbedrijf genaamd [B] BV gevestigd is. In de volksmond staat dit bedrijf bekend onder de naam [A] . Vanuit dit bedrijf is eerder gedurende dit onderzoek een kist, met als vermoedelijke inhoud verdovende middelen, naar Engeland verstuurd. Deze kist had een afmeting van ongeveer 1,20 m x 1,20 m x 1,20 m en was volgens de paklijst gevuld met tuinartikelen.
Bij genoemd bedrijf werden wij aangesproken door een man die later opgaf te zijn genaamd: [betrokkene 3] .
Hij deelde ons mede de dagelijkse leiding over [B] BV te voeren. Ik, verbalisant 6719, vroeg [betrokkene 3] voornoemd of er op die dag, 25 maart 2013, in de vroege morgen een pakket was afgeleverd met als mogelijke bestemming Engeland. [betrokkene 3] antwoorde mij daarop dat er inderdaad omstreeks 07.30 uur die dag een grote kist was afgeleverd, door een man in een pick-up vrachtwagentje met een open laadbak. Deze kist met de afmetingen 1,20 m x 1,20 m x 1,30 m moest naar Engeland vervoerd worden. De inhoud van deze kist zou een hoeveelheid tuingereedschappen betreffen.
Wij verbalisanten hebben vervolgens gevraagd of deze kist nog in het bedrijf aanwezig was. Hierop deelde [betrokkene 3] ons mede dat de kist omstreeks 13.00 uur was opgehaald door Transportbedrijf [D] , gevestigd [f-straat 1] te Zaandam en dat van daaruit de kist zou worden getransporteerd naar [E] te Nieuw-Vennep. Wij hebben [betrokkene 3] verzocht na te gaan waar genoemde kist op dat moment was. Na enige telefonische contacten deelde [betrokkene 3] ons mede dat de kist met tracking/ referentienummer [001] , omstreeks 18.00 uur die dag zou aankomen bij transportbedrijf [D] voornoemd.
Na mondelinge toestemming van de officier van justitie Mevr. mr. A.J. van Dooren, hebben wij verbalisanten, aan [betrokkene 3] mondeling gevorderd aan ons alle beschikbare gegevens inzake het transport van de hierboven genoemde kist, ter beschikking te stellen.
voldeed aan deze vordering en overhandigde ons de navolgende bescheiden:
- een kopie van de voorzijde van een enveloppe met de handgeschreven tekst: afgeven [A] Alkmaar! € 514,25 incl. 08.00 open Groet [naam 1]
- Een kopie van het adreslabel:
[F] , [g-straat 1] , London, [postcode] , Tel: [telefoonnummer 1]
- een kopie van een notitieblad van [A] Alkmaar met de handgeschreven tekst:
[naam 1] , [telefoonnummer 2] , 120 x 120 x 120 =/- 2m3 Tuinmeubelen naar Engeland-London, LTD postcode [postcode] rond 29 mrt leveren
- een kopie van een uitgeprint e-mailbericht van [e-mailadres 1] aan [e-mailadres 2] , inhoudende het afleveradres: [G] LTD, [h-straat 1] , London [postcode] .
Na mondelinge toestemming van de officier van justitie Mevr. Mr. A.J. van Dooren, hebben wij verbalisanten, aan [D] Transport te Zaandam mondeling gevorderd aan ons alle beschikbare gegevens inzake het transport van de hierboven genoemde kist, ter beschikking te stellen. Aan deze vordering werd voldaan en aan ons werden de navolgende bescheiden ter beschikking gesteld:
- een kopie van de afhaalopdracht betreffende voornoemde kist
- een kopie van de vrachtbrief betreffende voornoemde kist.
Wij, verbalisanten, hebben de inbeslaggenomen kist, onder constant toezicht, over laten brengen naar het beslaghuis van politie te Utrecht alwaar hij, in afwachting van nader onderzoek door de medewerkers van de afdeling Forensische opsporing van de Landelijke Eenheid van politie, in een beveiligde ruimte is geplaatst.
Op 26 maart 2013 is genoemde kist nader onderzocht. Tijdens voornoemd onderzoek werd in de dubbele bodem van voornoemde kist een hoeveelheid van ongeveer 30 kilogram van een stof aangetroffen, waarvan bij voorlopig onderzoek bleek dat het zeer waarschijnlijk MDMA (methyleendioxymethamfetamine) betrof.
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 27 maart 2013 tegenover verbalisanten afgelegde verklaring van [betrokkene 3] .
Dit proces-verbaal houdt onder meer in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als bevindingen van genoemde verbalisant:
Dit proces-verbaal houdt onder meer in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als bevindingen van genoemde verbalisant:
BFK: volgen 15 SINnummers).
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
BFK: volgen de genoemde 15 SINnummers) bevatte MDMA (3,4 - methyleendioxymethamfetamine), welk middel is vermeld op lijst I, behorende bij de Opiumwet.
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
[betrokkene 5] : hier staat referentie en dan [001] ...
[verdachte] : [001] .
[betrokkene 5] : 35, dat is wat ik hier zie staan inderdaad.
[verdachte] : oké is dat wat ie ... wat die klant nodig heeft?
[betrokkene 5] : ja dat moeten ze inderdaad daar aan de andere kant doorgeven.
[verdachte] : Oke...Want er staat hier ook iets van bovenaan een...shipmetnummer dat is 201303... En dan twee nee drie nullen en dan 118. Dat heeft er niks mee te maken?
[betrokkene 5] : nee, dat heeft er niets mee te maken, dat is voor ons.
[verdachte] : oh dat is voor jullie. Oké. Dus heeft alleen dat referentie nummer...
[betrokkene 5] : alleen dat referentie nummer nodig.
[verdachte] : want hij was net bij hoe heet het bij dat bedrijf en de vrachtwagen was niet aangekomen. Heeft hij enigszins vertraging of zo?
[betrokkene 5] : dat weet ik eigenlijk verder niet.
[verdachte] : oké, nou ja goed, dan wachten we het maar af.
[betrokkene 5] : ja, oké.
[verdachte] : oké dat referentienummer dat is... Dat heeft hij nodig?
[betrokkene 5] : ja dat moet hij inderdaad dat moet hij dus inderdaad doorgeven.
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
ben er over 10
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
Klaar.
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
oke bedankt.
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
Dit geschrift houdt, voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven in:
[betrokkene 1] : die heb ik een keer gezien dit jaar. Jij vertelde mij laatst dat hij een kistje kwijt was toch? ...Hoeveel was dat nou?
[medeverdachte 2] : 150 nee even kijken, ja 150 "M"... Nee, 15 zeker even kijken, wat was het nou. Was het bijna, voor zeg maar, dik 2 [betrokkene 7] handel in ieder geval... 35 volgens mij.
Dit proces-verbaal houdt onder meer in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als bevindingen van genoemde verbalisant:
In de loods werden op 14 januari 2013 goederen aangetroffen die mogelijk een relatie hebben met bovenstaande krat. In een stelling rechts achterin de loods werd een aantal rollen wikkelfolie aangetroffen. Deze folie was helder en doorzichtig en toonde qua afmeting en materiaal grote gelijkenis met de folie waarmee het op 25 maart 2013 in beslag genomen krat was omwikkeld. In een kist aangetroffen op de grond achterin de loods werd een hoeveelheid plastic zakken aangetroffen die qua vorm en materiaal grote gelijkenis vertoonden met de dicht gesealde zakken waarin de MDMA die op 25 maart 2013 werd aangetroffen was verpakt. Opvallend is dat de sealzakken werden aangetroffen in een houten kist waarin diverse houtbewerkingsgereedschappen waren opgeborgen, waaronder een zogenaamde messing spaanplaatschroeven. Soortgelijke messing spaanplaatschroeven werden, zo bleek bij demontage van de MDMA krat, gebruikt bij het in elkaar zetten van de MDMA krat. De zakken waarin de MDMA was verpakt waren vacuüm getrokken en dichtgeseald. In een stelling aan de rechterzijde van de loods (gezien vanaf de deur) werd een professionele vacuüm verpakkingsmachine van het merk Henkelman, type Boxer XL 42, aangetroffen. Volgens informatie van de betreffende leverancier kunnen met dit apparaat food- en nonfood waren vacuüm getrokken worden en direct dichtgeseald worden. Tijdens de doorzoeking in de loods werd op diverse plaatsen en van diverse afmetingen houten plaatmateriaal aangetroffen, zijnde watervaste verlijmd multiplex en triplex van diverse diktes. De op 25 maart 2013 in beslag genomen krat was aan de buitenzijde bekleed met houten plaatmateriaal, zijnde watervast verlijmd multiplex en triplex van verschillende diktes.’
Eerste levering van maandag 5 december 2011
Op 16 december 2011 spreken beiden weer over het afgeleverde ding. De verdachte stelt: “.. Dat ding is afgeleverd...”. [medeverdachte 1] vraagt: "Ze waren te spreken dus?", waarop de verdachte zegt: "Ja, alles is oké "(…).
Om 18.16 uur belt NN Engelsman met de verdachte. Hij geeft aan dat hij de vriend van de verdachte (het hof begrijpt: [medeverdachte 1] ) ongeveer een uur geleden gezien heeft en dat zij hem weer hetzelfde hebben gegeven als wat zij hem de vorige keer hebben gegeven en dat zij hem waarschijnlijk weer over een week of twee zien en dan waarschijnlijk iets anders gaan opstarten. De verdachte noemt de NN Engelsman ‘ [betrokkene 7] ’ (fonetisch) (…).
Tweede levering van (op of omstreeks) 10 april 2012
’s Avonds wordt via de telefoon van [medeverdachte 1] een in de Engelse taal opgesteld sms-bericht verstuurd, dat luidt: “Sorry I make mistake whit price total. I talk later togheter” (…).
(door observanten wordt niet verstaan of het juni of juli was)440 kg (diverse malen herhaald)" (…).
Derde levering op 25 maart 2013
- een kopie van een notitie blad met daarop de handgeschreven tekst: “ [naam 1] [telefoonnummer 2] (het hof begrijpt: het door de verdachte gebruikte telefoonnummer), 120 x 120 x 120 = ± 2m3 tuinmeubelen naar Engeland - Londen, LTD, postcode [postcode] rond 29 mrt leveren” en
- een kopie van een uitgeprint e-mailbericht afkomstig van
[e-mailadres 1], gedateerd 23 maart 2013, 16.11 uur met de gegevens waar de zending naartoe moet. Het betreft hier hetzelfde adres, waar de twee eerder genoemde kratten met illegale goederen naar toe zijn gestuurd. De ontvangende partij is telkens [G] LTD.
Op de binnenste adresseringsbon (A4) wordt een afdruk van de linker wijsvinger van [medeverdachte 1] aangetroffen.
Om 14.54 uur stuurt de verdachte een sms-bericht naar een Engels telefoonnummer, inhoudende: “they were not able to tell me if the truck deliverd the goods already reference number that you need is [001] ”. Tussen het nummer van de verdachte en dit Engelse nummer vindt daarna nog verschillende malen sms contact plaats met betrekking tot het verstuurde pakket.
Medeplegen of medeplichtigheid?
uitvoervan MDMA op een conclusie van A-G Hofstee waarin de eisen te stellen aan medeplegen van verlengde
invoervan cocaïne zijn verkend. [1] Hofstee leidt in die conclusie uit arresten van Uw Raad van 11 juli en 17 oktober 2017 af dat ‘als de gedraging van de verdachte feitelijk gezien niet heeft bijgedragen aan de voltooiing van het feit’, zij niet als een vorm van medeplegen van (verlengd) invoeren kan worden gekwalificeerd (randnummer 16). [2] In de betreffende zaken waren de gedragingen volgens hem ‘niet van voldoende gewicht om deze als medeplegen te kunnen kwalificeren, ook al vielen zij onder art. 1, vierde lid, van de Opiumwet’. De steller van het middel wijst ook op de NJ-noot onder beide arresten, waarin Rozemond aangeeft dat van medeplichtigheid aan of medeplegen van het invoeren van cocaïne geen sprake kan zijn wanneer de handelingen zijn verricht na de strafvorderlijke inbeslagneming. [3] Ook daar zou het achterliggende argument zijn dat de verdachte niet kan worden gestraft als medeplichtige of medepleger wanneer hij geen feitelijke bijdrage aan de invoer heeft geleverd.
tweedemiddel klaagt dat het hof voor de bewezenverklaring van feit 4 ten onrechte heeft volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen nu de verklaring van de verdachte niet alle onderdelen van het bewezenverklaarde betreft.
Ik heb op 14 januari 2014 in IJmuiden opzettelijk aanwezig had ongeveer 200 g hasj.
- Een proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagneming, op ambtseed opgemaakt door de verbalisant 4363 op 14 januari 2014, map beslag (…).
- Een geschrift, zijnde een Kennisgeving van inbeslagneming, niet gedateerd, opgemaakt door opsporingsambtenaar 5533, map beslag (…).
- Een proces verbaal verdovende middelenonderzoek van 29 januari 2014, op ambtseed/ambtsbelofte opgemaakt door de verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , ZD 15 (…).
- Een geschrift, zijnde een rapport van het NFI van 12 februari 2014, ZD 15 (…).’