Conclusie
Nummer21/04990
Inleiding
Het eerste middel
[verbalisant 1] en [verbalisant 2]
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte werd door het hof Amsterdam veroordeeld voor bedreiging met zware mishandeling, maar het hof legde geen straf op met toepassing van art. 9a Sr. De verdediging verzocht in hoger beroep het horen van drie verbalisanten als getuigen, die tegenstrijdige verklaringen hadden gegeven over de aanhouding en gedragingen van de verdachte. Het hof wees deze verzoeken af met de motivering dat het belang onvoldoende was onderbouwd.
De advocaat-generaal bij de Hoge Raad concludeert dat deze motivering ontoereikend is, mede gelet op de Keskin-jurisprudentie van het EHRM en de Hoge Raad, waarin wordt bepaald dat het belang bij het horen van getuigen met belastende verklaringen moet worden voorondersteld als de verdediging het ondervragingsrecht nog niet heeft kunnen uitoefenen. Het hof heeft geen gronden gegeven waarom het horen van deze getuigen geen toegevoegde waarde zou hebben.
De conclusie van de advocaat-generaal is dat het eerste middel van cassatie slaagt en dat het arrest moet worden vernietigd en de zaak moet worden terugverwezen naar het hof Amsterdam voor een nieuwe behandeling. De overige middelen behoeven geen bespreking.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe behandeling.