Conclusie
eerste deelklachtheeft betrekking op de bewezenverklaarde woordelijke bedreiging “maak dat je wegkomt anders hak ik je kop eraf, ik maak je dood!” en houdt in dat het hof niet in het bijzonder de redenen heeft opgegeven die hebben geleid tot de verwerping van het door de verdediging ingenomen uitdrukkelijk onderbouwde standpunt met betrekking tot de beïnvloeding van de verklaringen van de [familie] .
1. Het proces-verbaal van aangifted.d. 8 februari 2017 van de politie Eenheid Rotterdam, (…) inhoudende de verklaring van aangever [aangever] - zakelijk weergegeven -:
“Feit 1: bedreigingen [familie] :
Maak dat je weg komt, anders hak ik je kop eraf, ik maak je dood! ” (p. 16)
"Maak dat je weg komt, ik hak je kop eraf. Ik maak je dood.”(p. 60)
"Maak dat je weg komt, anders hak ik je kop eraf, ik maak je dood.”(62)
maak dat je wegkomt, je gaat er aan, ik hak je kop eraf’’ (p. 64)
steunbewijskunnen worden gebruikt, duidt erop dat er een verklaring bestaat die wel tot het bewijs kan worden gebezigd. In dat verband kan er ook op worden gewezen dat de raadsvrouw heeft aangevoerd dat de verklaringen “in feite uit één en dezelfde bron” komen. In het licht hiervan acht ik het niet onbegrijpelijk dat het hof hetgeen de raadsvrouw heeft aangevoerd over de verklaring van [benadeelde 1] niet heeft beschouwd als een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt.
tweede deelklachtbespreek ik voor het geval de eerste deelklacht toch niet zou slagen. Deze tweede deelklacht heeft betrekking op de bewezenverklaarde bedreigingen die via SMS zijn geuit en houdt in dat de bewezenverklaring van deze schriftelijke bedreiging onbegrijpelijk is.
geen bedreiging in juridische zin van het woord
"ey ma pang pang ik weet waar je woont. Ik kom langs later met de Marokkanen buren praten laat ze je een kaulo koffoe op je hoofd geven"
nietde redelijke vrees zijn ontstaan dat hij zwaar lichamelijk letsel zou oplopen of van het leven zou worden beroofd.
'kaulokoffoe (een harde vuistslag), een pak rammel, vechten, ik mep je
marsen ik pak je
hard'. Hierdoor kon bij aangever de redelijke vrees ontstaan dat hij zwaar letsel zou oplopen. Hierbij betrekt het hof ook dat de verdachte reeds in oktober 2016 een bedreiging met de dood jegens aangever heeft geuit.
Psychische gevolgen
;MvW) elk moment achter hem kan staan. Deze verandering in zijn leefstijl, heeft een verslechtering van zijn conditie veroorzaakt. Hierdoor is zijn suiker meer aan schommelen en moet hij minstens een keer per maand naar de huisarts voor controle. Dit was voorheen niet. Ook heeft hij meer aanvallen dan voorheen.
“VORDERING BENADEELDE PARTIJ
enoogmerk op de onrechtmatige daad
enoogmerk op het veroorzaken van immateriële schade. Het bewijs voor dit dubbele oogmerk is bijna nooit te leveren.
“aantasting in de persoon op andere wijze is in ieder geval sprake indien de benadeelde partijgeestelijk letselheeft opgelopen. Degene die zich hierop beroep, zal voldoendeconcrete gegevensmoeten aanvoeren waaruit kan volgen dat in verband met de omstandigheden van het geval psychische schade is ontstaan.” Alleen wanneer de aard en de ernst van de normschending met zich meebrengen dat de nadelige gevolgen zo voor de hand liggen, hoeft de psychische schade niet te worden onderbouwd.