Conclusie
1.Inleiding en samenvatting
derdenen meent dat voor een rechtsgeldige opzegging gedragingen van [eiseres] zélf vereist zijn. Mijns inziens slagen de klachten niet en kan de zaak worden afgedaan met toepassing van art. 81 RO.
2.Feiten en procesverloop
3.De ontvankelijkheid van het cassatieberoep
lijktte zeggen dat voor de termijn van art. 3:29 lid 3 de daadwerkelijke inschrijving in het rechtsmiddelenregister bepalend is.
altijdook de datum van aanbieding ter inschrijving vermeldt (dus niet alleen als de daadwerkelijke inschrijving met enige vertraging plaatsvindt, een geval waarvan is te hopen dat het hoge uitzondering zal blijven).
4.Bespreking van het cassatiemiddel
toerekenbaartekortschiet. [16] Verwijtbaarheid aan de zijde van de erfpachter vergroot wel de ernst van de tekortkoming. [17] Tekortschieten heeft een vergelijkbare betekenis als tekortkomen in de nakoming van een verbintenis in de zin van art. 6:74 BW en 6:265 BW. [18] Laatstbedoelde geval van ontbinding van een wederkerige overeenkomst is ook in die zin vergelijkbaar, dat ook in dat verband geldt dat toerekenbaarheid niet is vereist. Ook een niet-toerekenbare tekortkoming kan aanleiding geven tot ontbinding.
subonderdeel 1.1heeft het hof miskend dat, wanneer er zonder medeweten van de erfpachter gedragingen in een woning plaatsvinden, nog niet, althans niet zonder meer, sprake is van een tekortkoming in de nakoming van de erfpachtovereenkomst door de erfpachter.
zelfzich niet als een goed huurder heeft gedragen. Hoe dan ook, het hof heeft wel degelijk eigen handelen van [eiseres] vastgesteld, namelijk de woning in handen van een derde achterlaten zonder toezicht.
subonderdeel 1.2.
onderdeel 4.