Conclusie
1.Inleiding
2.Het middel
Omschrijving immateriële schade
Vordering van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
grondslagen de hoogte van de vordering, heeft het openbaar ministerie ook nodig om de schadevergoedingsmaatregel te vorderen.” (cursivering toegevoegd; MvW). Daarin komt tot uitdrukking dat het partijdebat dat eigen is aan het voeren van een civiele procedure ook noodzakelijk kan zijn om een schadevergoedingsmaatregel te kunnen opleggen. Voor de vordering benadeelde partij gelden daarbij, in tegenstelling tot voor de schadevergoedingsmaatregel, de regels van stelplicht en bewijslastverdeling in civiele zaken. De consequentie hiervan is dat op de benadeelde partij die een vordering instelt in beginsel de last rust “de feiten en omstandigheden te stellen – en in geval van betwisting daarvan bewijs bij te brengen – die tot toewijzing van de vordering kunnen leiden”. De Hoge Raad heeft aangegeven dat die stelplicht in de context van het strafproces “in het bijzonder betrekking heeft op de feiten en omstandigheden die niet kunnen worden vastgesteld aan de hand van uit het strafdossier af te leiden gegevens met betrekking tot het aan de verdachte tenlastegelegde stafbare feit, hetgeen in het bijzonder geldt voor feiten en omstandigheden die bepalend zijn voor de aard en omvang van de gevorderde schade”. [27]