ECLI:NL:RBAMS:2009:BK7573
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.P. Smit
- C.A.E. Wijnker
- G.M. Beunk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid met handhaving rechtsgevolgen
Eiser was sinds juni 1999 in dienst bij BBN Bouwmaterialen B.V. en kreeg op 17 maart 2009 bericht van het UWV dat hij vanaf 2 maart 2009 geen WW-uitkering zou ontvangen wegens verwijtbare werkloosheid. Dit was gebaseerd op een dringende reden voor ontslag op staande voet die de werkgever had aangevoerd. De kantonrechter had de arbeidsovereenkomst op 26 januari 2009 ontbonden wegens gewichtige redenen en een schadevergoeding toegekend.
De rechtbank oordeelt dat het UWV bij de beoordeling van verwijtbare werkloosheid niet alleen de objectieve dringende reden voor ontslag had moeten betrekken, maar ook de subjectieve dringende reden, die mede afhangt van de persoonlijke omstandigheden van eiser en de specifieke situatie. De werkgever had eiser meerdere officiële waarschuwingen gegeven vanwege herhaald verzuim en ongeoorloofd afwezig zijn, wat uiteindelijk leidde tot het niet verschijnen op het werk op 1 december 2008.
Hoewel de rechtbank het besluit vernietigt vanwege het ontbreken van een deugdelijke motivering omtrent de subjectieve dringende reden, laat zij de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat ook de subjectieve dringende reden aanwezig was. De rechtbank veroordeelt het UWV tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan eiser. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit gedeeltelijk vernietigd, maar de gevolgen blijven gehandhaafd.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de WW-uitkering wordt gedeeltelijk vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven gehandhaafd.