Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
4.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW Pro
5.Strafbaarheid: feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist
6.Artikel 11 OLW Pro
Liberties Rule of Law Reportuit 2026, aangevoerd dat er ook zorgen bestaan over de Slowaakse rechtsstaat.
Liberties Rule of Law Reportuit 2026 is daartoe onvoldoende. De rechtbank is ook ambtshalve niet bekend met dergelijke gegevens. Aan de vraag of sprake is van een individueel gevaar voor de opgeëiste persoon dat de door de raadsman genoemde rechten in Slowakije zijn geschonden, komt de rechtbank dus niet toe. De rechtbank ziet dan ook geen aanleiding om de door de raadsman voorgestelde garantie op te vragen bij de uitvaardigende justitiële autoriteit. Het verweer van de raadsman wordt verworpen.
the Comittee for the Prevention of Torture and Inhuman or Degrading treatment or Punishment(hierna: het CPT) uit 2023 – bepleit dat zorgen bestaan op een onmenselijke of vernederende behandeling in detentie in Slowakije en dat om die reden geen gevolg moet worden gegeven aan het EAB. Volgens de raadsman is er sprake van een dreigende schending van artikel 11 OLW Pro.
Ružomberok Prisonof de
Žilina Prisonin het bijzonder. [9]
7.Slotsom
8.Toepasselijke wetsbepalingen
9.Beslissing
[de opgeëiste persoon]aan de Districtsrechtbank Žiar nad Hronom, Slowakije, voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.