ECLI:NL:RBASS:2006:AY4156
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.F. Bruinenberg
- K. Wentholt
- J.S. Bartstra
- Rechtspraak.nl
Vaststelling geen recht op WW-vervolguitkering wegens strijd met EVRM
Eiseres, voormalig werknemer, vordert vaststelling dat zij recht heeft op een WW-vervolguitkering, ondanks de wetswijziging van 19 december 2003 die dit recht met terugwerkende kracht tot 11 augustus 2003 afschaft. De rechtbank oordeelt dat het besluit van verweerder dat eiseres geen recht heeft op een vervolguitkering onjuist is, omdat het recht op een vervolguitkering voor eiseres al bestond op het moment van de wetswijziging.
De rechtbank stelt vast dat de bijlage bij het besluit van 20 november 2003 slechts informatief was en geen formeel besluit bevatte over het recht op een vervolguitkering. Het overgangsrecht biedt geen grond voor het ontzeggen van het recht aan eiseres, die valt binnen een kleine groep werknemers die tussen 11 augustus 2003 en 1 januari 2004 werkloos werden.
De rechtbank oordeelt dat de wetswijziging met terugwerkende kracht het bestaande recht op een vervolguitkering ontnam, wat een inbreuk vormt op artikel 1 van Pro het Eerste Protocol EVRM in samenhang met artikel 14 EVRM Pro. Deze inbreuk is disproportioneel en onrechtvaardig, mede omdat de groep getroffen werknemers klein en willekeurig is en geen compensatie wordt geboden.
Daarom vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en beveelt een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens veroordeelt zij verweerder in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit dat eiseres geen recht heeft op een WW-vervolguitkering wordt vernietigd.