Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit op bezwaar tegen een WIA-uitkeringsbesluit van het UWV. De rechtbank stelt vast dat het UWV de beslistermijn van negen weken volgens artikel 8:55d Awb heeft overschreden en dat het UWV sinds de ingebrekestelling niet heeft beslist.
Het UWV heeft een dwangsombeslissing genomen, maar de rechtbank acht het noodzakelijk dat het UWV alsnog binnen een redelijke termijn beslist. Gezien het tekort aan verzekeringsartsen en de noodzaak van een medisch advies, kwalificeert deze situatie als een bijzonder geval volgens artikel 8:55d Awb.
De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken waarin een termijn van negen weken wordt gehanteerd voor het verrichten van de medische beoordeling en het nemen van het besluit. Het UWV krijgt een dwangsom opgelegd van €100 per dag met een maximum van €15.000 bij overschrijding van deze termijn.
Daarnaast wordt het betaalde griffierecht aan eiseres vergoed en wordt het UWV veroordeeld tot betaling van proceskosten. De rechtbank wijst het verzoek van het UWV om een langere beslistermijn af, omdat onvoldoende onderbouwing is gegeven om af te wijken van de vastgestelde termijnen.