ECLI:NL:RBDHA:2026:15601
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser, van Syrische nationaliteit, diende op 19 november 2025 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling omdat Roemenië verantwoordelijk is op grond van de Dublinverordening, welke door Roemenië is aanvaard.
Eiser voerde aan dat er sprake is van structurele tekortkomingen in het Roemeense asielsysteem, waaronder push-backs, problemen met tolken, rechtsbijstand en bescherming van kwetsbare asielzoekers, en dat hij vreest voor gedwongen uitzetting naar Syrië en detentie in Roemenië. Hij stelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet van toepassing is.
De rechtbank oordeelde dat eiser procesbelang heeft omdat hij nog contact onderhoudt met zijn gemachtigde. De rechtbank bevestigde het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Roemenië en vond dat eiser onvoldoende concrete aanwijzingen had geleverd om dit te weerleggen. De aangevoerde rapporten boden geen bewijs van structurele tekortkomingen die een schending van artikel 3 EVRM Pro of artikel 4 Handvest Pro rechtvaardigen.
De rechtbank wees het beroep af en handhaafde het besluit van verweerder. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter A. Hello.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.