ECLI:NL:RBMNE:2025:717
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenplicht samenwonen partner
Eiseres ontving een bijstandsuitkering naar de norm voor een alleenstaande ouder. Verweerder trok de uitkering per 17 juli 2023 in omdat eiseres niet tijdig had gemeld dat zij samenwoonde met haar partner die de kinderen erkend had, waardoor sprake was van een gezamenlijke huishouding en een andere uitkeringsnorm van toepassing was.
Verweerder vorderde de bijstand terug over de periode van 17 juli 2023 tot 31 januari 2024 en legde een boete op wegens schending van de inlichtingenplicht. Eiseres voerde aan dat de situatie complex was vanwege de verblijfsrechtelijke gevolgen voor haar partner en dat zij geen verwijt kon worden gemaakt. Ook stelde zij dat verweerder de bijstand had moeten afstemmen op haar situatie en dat er dringende redenen waren om bijstand te verlenen.
De rechtbank oordeelde dat eiseres de inlichtingenplicht had geschonden door het samenwonen niet tijdig te melden. De situatie van eiseres vormde geen acute noodsituatie die rechtvaardigde af te zien van intrekking of terugvordering. De boete was terecht opgelegd en gematigd vanwege haar beperkte draagkracht. De beroepen werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen van eiseres tegen intrekking, terugvordering en boete worden ongegrond verklaard.