ECLI:NL:RBROT:2010:BM6735
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.A.C. van Nifterick
- J. Bergen
- K. Werkhorst
- Rechtspraak.nl
Boete opgelegd voor onvergund onderbemiddelen in hypotheken voor bekenden
Eiser werd door de Autoriteit Financiële Markten (AFM) een bestuurlijke boete opgelegd wegens het zonder vergunning bemiddelen in hypotheken in 2006, gericht op vrienden en collega's. De rechtbank oordeelt dat deze activiteiten beroepsmatig waren, mede omdat eiser een vergoeding ontving en gebruikmaakte van zakelijke contacten. De boete werd gematigd van €87.125 naar €50.866, gelijk aan het behaalde voordeel.
Eiser voerde aan dat zijn bemiddeling niet beroepsmatig was en dat de boete onevenredig hoog was, mede door financiële verliezen in een beleggerspool. De rechtbank verwierp deze verweren, onder meer omdat eiser onvoldoende aannemelijk maakte dat hij niet beroepsmatig handelde en onvoldoende inzicht gaf in zijn financiële draagkracht. Ook werd het onderzoek door eiser belemmerd, wat een verzwarende omstandigheid vormt.
De rechtbank concludeert dat de boete terecht is opgelegd en proportioneel is gematigd. Het beroep wordt ongegrond verklaard. Er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens onvergund onderbemiddelen in hypotheken wordt ongegrond verklaard en de boete van €50.866 gehandhaafd.