ECLI:NL:RBROT:2011:BQ3528
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boetes voor overtredingen consumentenbescherming bij telefonische werving vaste telefonie
Pretium Telecom werd door de Consumentenautoriteit bestuurlijke boetes en lasten onder dwangsom opgelegd wegens overtredingen van het Burgerlijk Wetboek en de Wet handhaving consumentenbescherming (Whc) bij telefonische werving van vaste telefonieabonnementen.
De overtredingen betroffen het niet tijdig en duidelijk vermelden van de identiteit en het commerciële oogmerk bij aanvang van het telemarketinggesprek, het niet juist informeren over de bedenktijd, het niet tijdig meedelen van de minimale duur van de overeenkomst en het niet tijdig verstrekken van de belangrijkste kenmerken van de dienst, waaronder de prijs.
De rechtbank oordeelde dat de selectie van onderzochte gesprekken representatief was en dat Pretium Telecom verantwoordelijk was voor het handelen van de ingeschakelde callcenters. De rechtbank stelde dat de informatieplicht niet was nageleefd, onder meer doordat de consument niet duidelijk werd geïnformeerd dat het om een nieuwe overeenkomst met een andere aanbieder ging.
De opgelegde boetes werden deels verlaagd vanwege onjuiste termijnvermeldingen in welkomstbrieven, matigende omstandigheden zoals onrechtmatige uitlatingen van de toezichthouder in de media en de ernst en duur van de overtredingen. De rechtbank vernietigde delen van het sanctiebesluit en bepaalde een totale boete van €57.960. Tevens werd het publicatiebesluit vernietigd voor zover het betrekking had op de vernietigde delen en werd een rectificatie opgelegd.
De rechtbank veroordeelde de Consumentenautoriteit tot vergoeding van proceskosten aan Pretium Telecom en bevestigde dat de redelijke termijn niet was overschreden.
Uitkomst: Boetes van in totaal €57.960 opgelegd, delen van het sanctiebesluit en publicatiebesluit vernietigd en rectificatie van publicatie opgelegd.