ECLI:NL:RBROT:2018:3065
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Boete voor pandhuizen wegens te hoge rente in strijd met Wet handhaving consumentenbescherming
Eiseressen, zes pandhuizen, kregen bestuurlijke boetes opgelegd door de Autoriteit Consument en Markt (ACM) wegens het rekenen van een maandelijkse rente van 9%, terwijl wettelijk maximaal 4,5% is toegestaan. ACM matigde de boetes na bezwaar, maar eiseressen stelden dat de regelgeving in strijd is met internationaal en Unierecht, en dat de boetes disproportioneel zijn.
De rechtbank oordeelt dat de regelgeving geen inbreuk maakt op het eigendomsrecht zoals beschermd door het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en het EU-Handvest, omdat de vermeende goodwill vooral toekomstige inkomsten betreft die niet als eigendom gelden. Ook is geen sprake van ongelijke behandeling of schending van hoorrechten.
Verder is de boete passend en evenredig gelet op de ernst van de overtreding, de omvang van de te hoge rente en het aantal gevallen. ACM mocht de financiële draagkracht van de holding betrekken bij de boetebepaling. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de boetes blijven in stand.
De uitspraak bevestigt dat naleving van de maximale rente verplicht is en dat ACM bevoegd is om bij overtredingen passende boetes op te leggen, ook bij grote ketens van pandhuizen.
Uitkomst: Het beroep van de pandhuizen tegen de boetes van ACM wordt ongegrond verklaard en de boetes blijven in stand.