Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- het verzoekschrift, ingekomen op 27 september 2022, met producties;
- het verweerschrift, tevens zelfstandig tegenverzoek ex artikel 7:671b BW, van QLS, met producties;
- het verweerschrift ex artikel 7:671b BW van [naam01] , met producties;
- de brief van 31 oktober 2022 van QLS met productie 10;
- de pleitnotitie van [naam01] ;
- de schriftelijke getuigenverklaring van [naam02] van 1 november 2022, overgelegd door [naam01] tijdens de mondelinge behandeling;
- het e-mailbericht van [naam03] , consulent naleving CAO Beroepsgoederenvervoer bij CNV Vakmensen, overgelegd door QLS tijdens de mondelinge behandeling.
2.Waar gaat het in deze zaak over
3.De feiten
4.Het verzoek van [naam01]
- om [naam01] direct tewerk te stellen in zijn gebruikelijke werkzaamheden als chauffeur zonder enige beperking, op verbeurte van een dwangsom van € 500,- per dag of gedeelte daarvan dat QLS hiermee in gebreke blijft;
- tot betaling van het achterstallige salaris en overige emolumenten met terugwerkende kracht over de periode vanaf 1 augustus 2022 totdat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is geëindigd, van ten minste € 1.127,50 bruto per maand, te vermeerderen met vakantietoeslag en niet-genoten vakantiedagen.