ECLI:NL:RBZWB:2024:6618
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking Tozo-uitkering wegens niet gemelde inkomsten uit verhuur en bedrijfsactiviteiten
Eiser, bestuurder en enig aandeelhouder van meerdere bedrijven, ontving Tozo-uitkeringen over diverse periodes in 2020 en 2021. Baanbrekers trok deze uitkeringen in nadat uit bankafschriften bleek dat eiser structurele inkomsten had uit verhuur van twee woningen en uit zijn bedrijven, welke niet waren gemeld.
Eiser stelde dat de huuropbrengsten enkel de hypotheek en onderhoudskosten dekte en dat hij volgens zijn belastingaangiften geen belastbaar inkomen had. De rechtbank overwoog dat de Tozo-regeling het inkomensbegrip van de Participatiewet volgt, waarbij inkomsten uit verhuur niet worden verminderd met kosten en als volledig inkomen meetellen.
De rechtbank oordeelde dat eiser vrijelijk over deze inkomsten kon beschikken en dat het niet melden daarvan een schending van de inlichtingenplicht vormt. Omdat de inkomsten het sociaal minimum overschrijden, heeft eiser geen recht op Tozo. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de intrekking van de Tozo-uitkering wegens niet gemelde inkomsten die het sociaal minimum overschrijden.