ECLI:NL:RVS:2006:AW2275
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Vernietiging subsidiebesluiten provincie Flevoland wegens ontbreken wettelijke grondslag
Het college van gedeputeerde staten van de provincie Flevoland stelde in 2002 subsidies vast aan vier appellanten op basis van Europese programma's en provinciale verordeningen. Appellanten maakten bezwaar tegen de vaststellingsbesluiten omdat bepaalde kostenposten niet werden gesubsidieerd en vergoedingen werden afgewezen. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond, waarna appellanten hoger beroep instelden bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het college ten onrechte geen verleningsbesluiten had genomen conform de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De overeenkomsten met appellanten konden niet als verleningsbesluiten worden aangemerkt omdat de vereiste bekendmaking ontbrak. Ook ontbrak een wettelijke grondslag voor de subsidieverstrekking, zowel voor de Europese subsidies uit het EOGFL-O en LEADER II programma als voor de provinciale cofinanciering. De provinciale bijdrageverordening bood geen rechtsgeldige basis voor subsidieverlening of vaststelling.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en de subsidiebesluiten van het college. Om achteruitgang voor appellanten te voorkomen, werden de primaire besluiten niet herroepen. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De zaak werd terugverwezen voor nieuwe besluitvorming met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: De subsidiebesluiten van het college van gedeputeerde staten van Flevoland worden vernietigd wegens het ontbreken van een wettelijke grondslag, met veroordeling tot proceskostenvergoeding.