Uitspraak
200305343/1(AB 2004, 192) dat het bepaalde in artikel 4, derde lid, van de beleidsregels niet rechtens onaanvaardbaar is, gelet op de verwachte spoedige totstandkoming van een definitieve regeling waarin het beoogde uitgiftestelsel van locaties voor windmolenparken in de Noordzee is vastgelegd. Daarbij is in aanmerking genomen dat de staatssecretaris heeft meegedeeld dat die regeling uiterlijk 1 januari 2005 in werking zal treden. Het gehanteerde moratorium mag immers niet het vergunningenstelsel van de Wbr voor de exclusieve economische zone buiten werking stellen, zodat een algemene uitsluiting van de mogelijkheid van een vergunning slechts gedurende een beperkte periode mogelijk is en beslissingen omtrent vergunningaanvragen na genoemd tijdstip op inhoudelijke gronden zullen moeten worden genomen.