ECLI:NL:RVS:2014:1361
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.H. van Kreveld
- R. van Heusden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuursdwang en kostenverhaal wegens onjuist aanbieden huishoudelijk afval
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 23 april 2013 schriftelijk bevestigd dat op 18 april 2013 spoedeisende bestuursdwang is toegepast tegen appellant wegens het aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010. De bestuursdwang bestond uit het verwijderen van een huisvuilzak die naast een ondergrondse restafvalcontainer was aangetroffen. In de zak werd een poststuk gevonden met de adresgegevens van appellant, waardoor het college aannam dat zij de overtreding had begaan.
Appellant betoogde dat zij niet de overtreder was en dat het rapport waarop het college zich baseerde onzorgvuldig was samengesteld. De Raad van State overwoog dat het college en de rechter in principe mogen uitgaan van de juistheid van een door een toezichthouder opgemaakt en ondertekend rapport, tenzij tegenbewijs dit tegenspreekt. Appellant had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij niet de overtreder was.
Daarom was het college terecht uitgegaan van de juistheid van het rapport en mocht zij appellant als overtreder aanmerken. Het college had het besluit tot bestuursdwang en het verhalen van de kosten op appellant terecht gehandhaafd. Het beroep is ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot bestuursdwang en kostenverhaal wordt ongegrond verklaard.