ECLI:NL:RVS:2014:711
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning vreemdeling
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie heeft op 16 augustus 2010 een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen afgewezen. De vreemdeling maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 21 februari 2012 werd ongegrond verklaard door de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen dit besluit gegrond en vernietigde het bestuursbesluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde.
In hoger beroep stelde de staatssecretaris dat de rechtbank ten onrechte het beroep gegrond had verklaard omdat de vreemdeling niet beschikte over een geldig document voor grensoverschrijding, een zelfstandige voorwaarde voor vergunningverlening volgens artikel 16, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank had deze tegenwerping erkend maar het besluit toch vernietigd wegens ondeugdelijke motivering over andere voorwaarden.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank ten onrechte het beroep gegrond verklaarde en vernietigt de uitspraak. Het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 21 februari 2012 wordt alsnog ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 21 februari 2012 wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.